DALFSEN – Afgelopen week deel 1 over het verdwijnen van nostalgische boerderijen en wat voor lelijks we er soms voor terug krijgen. Maar het landschap verliest nog veel meer door de grootschaligheid. Nostalgische keuterboertjes verdwijnen, daarmee ook de oude houten afrastering om weilanden wat veelal bestond uit gekleufde (of gekloofde) eiken palen. Waar vind je die nog.
Afrastering uit eiken stammetjes of oude telefoonpalen met prikkeldraad en een oude toegangshek hangend aan knoestige eiken palen, zelfs de gecreosoteerde paaltjes dreigen te verdwijnen.
Waar vind je nog weidevelden met veldbloemen, klaver of andere natuurlijke kruidenmengsels. Waar vind je nog kleine weitjes met een gietijzeren handpomp of een waterput. De kleine boer is reeds verdwenen, hier en daar nog een hobbyboer die zijn vee wel buiten heeft lopen.
Bijna durf ik de vraag te stellen waar vind ik nog koeien in de weide, maar die vraag is schromelijk overdreven als ik weer een weide tegen kom waar net meer dan tweehonderd melkkoeien vanuit een enorme serrestal de weide in gaan op zoek naar een lekker gras-kruidenmengels, maar gezien hun loop naar het eind van het weiland ongeveer een km verder is ook die hoop bij die beesten al lang gevlogen. Niets dan gras, kaal gras, groen gras, kunstmatig behandeld om snel te groeien, zou dit smaakvol zijn?
Ik denk dat we dat moeten vergelijken met ons warm eten. Als we alleen maar kale aardappels krijgen, zonder jus, zonder groente en zonder vlees. Net zo onsmakelijk denk ik als alleen gezuiverd gras, gras, kaal gras…..
Maar ik ben geen boer en heb er duidelijk geen verstand van……
Maar wat wel telt is de verarming van het landschap, onmetelijke grasvelden, meestal zonder enige vorm van afrastering. geen kruidengewassen meer in het gras. De konijnen hazen en reeën willen dat gras niet meer eten, althans je ziet ze daarin bijna niet meer. Groene grasvelden afgewisseld met maisvelden of bloembollenvelden, maar de mooie historisch weide landschappen zijn er niet meer. Wel kolossale stallen die als paddenstoelen uit de grond vliegen.
Op heel veel plaatsen zijn bossingels, meidoornhagen en sloten met of zonder toestemming verdwenen om maar met groot materieel het land te kunnen bewerken.
Natuurlijk is het zo dat het steeds grote moet en groter materieel om blijvend de kostprijs laag te houden. Megastallen zijn niet uit te sluiten, maar het landschap verdient compensatie door het inrichten van meer natuurgebieden, bijvoorbeeld langs die grote velden een strook met veldbloemen, solitaire bomen buiten het werkvlak.
Er zijn legio mogelijkheden om hetgeen nu al verloren is gegaan terug te winnen. Eigenlijk zou elke boer zelf een verloren veldje natuurlijk in moeten richten.
Het landschap lijkt nu meer op grote prairie velden met in de verte grote aantallen paarden die nog enigszins genieten van de vrijheid. Maar mogen wij als burgers nog enigszins genieten van het landschap?
Laten we in elk geval zuinig zijn op hetgeen er nu nog is en de mogelijkheden benutten waar dat kan om dit te herstellen. Landschap Overijssel heeft de laatste jaren al heel wat gebieden opnieuw ingericht en daar mogen we best trots op zijn. Laten we met elkaar dat blijven ondersteunen.
WvdV
















