DALFSEN – Geachte raadsleden, Aanstaande maandag 5 oktober zal het verzoek tot wijzigen van het bestemmingsplan om de nieuwvestiging van een kippenschuur mogelijk te maken voorliggen. Wij, als omwonenden, hebben in diverse raadsvergaderingen, commissievergaderingen en allerlei ander overleg al vaak onze mening laten horen. Aangezien wij het gevoel hebben niet gehoord te worden, het college neemt in de beantwoording van de zienswijzen wel heel vaak aan wat de aanvrager / ambtenaren stellen waar is en klopt. Dit leidt bij ons tot bepaalde emoties. Daarom lijkt het ons verstandig onze bedenkingen kort op papier te zetten en u te doen toekomen. In plaats van inspreken dus.
GGD Rapport
Ten eerste wordt er in de behandeling van de zienswijzen gesproken over het GGD rapport, daar hebben we als omwonenden bezwaar tegen gemaakt. Wij als omwonenden hebben gevraagd om een dergelijk rapport en vinden het, naar onze mening, terecht dat wij dan ook bij het onderzoek betrokken worden. In de notulen van deze bijeenkomst kunt u verder lezen hoe de bespreking is verlopen. Een onderzoek waarin de omwonenden betrokken zouden zijn had volgens de GGD niet geleid tot een andere uitkomst, wij vinden dat weinig wetenschappelijk en dit getuigt van enige vooringenomenheid.
Omwonenden staan telkens op achterstand en worden de verdediging ingeduwd.
Waarom wij vinden wat wij vinden, ten aanzien van de gezondheid, de leefbaarheid, nieuwe inzichten, de toekomst van andere landbouw en veeteelt wordt telkens bestempeld als niet waar of niet grondig genoeg onderbouwd. Zelfs niet als blijkt dat meer dan 200 omwonenden ook niet zitten te wachten op een dergelijk groot nieuw bedrijf in een gebied dat reeds voor een groot deel ‘vol’ zit. Er wordt behoorlijk veel energie gestoken om aan te tonen dat een deel van deze 200 omwonenden best op 1 a 2 kilometer afstand woont en zo verder. Maar energie steken om nou eens duidelijk uit te leggen waarom er een dergelijk bedrijf nodig is dat gebeurt niet.
Uit het rapport van de GGD komt naar voren dat er in elk geval meer geurhinder, meer geluidshinder gaat ontstaan en meer uitstoot van fijnstof, dit samen met een verhoogd risico op longontsteking zou op zich noodzaak genoeg moeten zijn om eens duidelijk uit te leggen wat de noodzaak is om dit te doen? Gaat het bedrijf anders failliet? Nee, volgens de aanvrager, tijdens de zitting van de Raad van State Den Haag in 2012 op de vraag van de rechter. Is er dan een nog nader te bepalen groot maatschappelijk belang mee gediend waar wij niets van af weten? Dat laatste zou voor ons wel een hoop opluchting kunnen geven.
Reactie op de zienswijzen.
Naar ons idee wordt er ruimhartig geciteerd uit de door de aanvrager aangeleverde teksten. Hier en daar lijkt het alsof onze bezwaren op het bestemmingsplan worden aangevochten met teksten uit dat zelfde bestemmingsplan. Zo wordt het ingediende plan min of meer als basis genomen terwijl een bestemmingsplan uiteraard veel omvangrijker is; er moet ook gekeken worden naar alle andere plannen van ondernemers in dit gebied bijvoorbeeld.
De gemeente lijkt zich, als wij de beantwoording goed lezen, zich vaak neer te leggen bij de stellingen van de aanvrager. Op de lijst met alternatieve locaties, door de gemeente gebruikt als beantwoording, staan in elk geval al 2 locaties waarmee nooit contact is geweest. In deze lijst worden veel erg bruikbare alternatieven afgeschoten omdat er woningen omheen staan. Hierbij wordt voor het gemak vergeten dat dit om bestaande (stoppende) bedrijven gaat en aan de Westerveldweg om een nieuwvestiging.
Groet,
Omwonenden

