Hoog bezoek voor de werkgroep Doc. ’39-’45 van de Historische kring Dalfsen. - Foto: H.G. Foto
Foto: H.G. Foto

Hoog bezoek voor de werkgroep Doc. ’39-’45 van de Historische kring Dalfsen.

Mike Kleinluchtenbelt uit Zwolle doet al vele jaren onderzoek naar vliegtuigcrashes tijdens de tweede wereldoorlog in en om Zwolle. Omdat de gemeente Dalfsen ook in zijn ´werkgebied´ ligt, werkt de werkgroep Doc. ’39-’45 van de Historische kring Dalfsen regelmatig samen met hem.

 

Enkele weken geleden hadden Mike en de werkgroep contact over een crash in de buurt van Lemelerveld. Tijdens dat contact werd er ook gesproken over het voorgenomen bezoek van twee Australische dames. De oom van één van de dames (Sgt. Warren Wallace Jarrett van de Royal Australian Air Force) raakte tijdens de tweede wereldoorlog vermist tijdens een bombardementsmissie naar Kassel. Later bleek dat hij gesneuveld was in de buurt van Zwolle. Nu, vele jaren na de dood van haar oom, wilde ze tijdens een grote wereldreis zo graag eens het graf en de exacte plaats bezoeken waar haar oom sneuvelde. Rond 11:15 ontving de werkgroep het gezelschap dat bestond uit Mevrouw Dean met haar beste vriendin, Mike Kleinluchtenbelt en zijn vader. Na een korte onderbreking door een ontruiming in de trefkoele + kon het gesprek worden voortgezet.
Rond 14:00 bezocht het gezelschap de plaats waar de Wellington bommenwerper zich in de grond boorde. Het vliegtuig crashte op 27 augustus 1942 vlak achter de boerderij van de familie Hogeboom aan de Dalmsholterweg tussen Dalfsen en Lemelerveld. De heer Hendrik Hogeboom (destijds 18 jaar oud) was ook aanwezig tijdens het bezoek aan de boerderij. De ontmoeting tussen hem en mevrouw Dean zorgde voor veel emoties. De heer Hogeboom omschreef wat hij gezien had die nacht en de dagen na de crash.
Omdat de bommenwerper (vanuit het toestel gezien) vlak voor de boerderij crashte vloog een vuurbal van brandstof en vliegtuigfragmenten over het erf, de hooiberg en de riet gedekte boerderij. Iedereen van de familie Hogeboom bleef wonder boven wonder ongedeerd, maar het huis brandde tot de grond toe af. Tijdens de ontmoeting vertelde Hendrik Hogeboom aan mevrouw Dean wat hij allemaal gezien had. Omdat de Nederlandse versie van zijn verhaal een behoorlijk aantal lugubere details bevatte werd de vertaalde versie gecensureerd aan mevrouw Dean voorgedragen. Zo vertelde de heer Hogeboom dat hij een persoon in vliegerkleding aantrof op hun erf, met in zijn borstzak een kinderschoentje.
Na het bezoek aan de boerderij begaf het gezelschap (dat ondertussen werd vergezeld door de heer Hogeboom met één van zijn dochters) zich naar de algemene begraafplaats in Dalfsen. In een strakke rij liggen 22 jongens begraven. 4 van deze jongens sneuvelden op het erf van de familie Hogeboom. Namens de gemeente Dalfsen mocht de werkgroep Doc. ’39-’45 een bloemstuk leggen op het graf van Sgt. W.W. Jarrett. Dichterbij haar oom kon mevrouw Dean niet komen. Met haar hand op zijn grafsteen stond zij onder de Australische vlag voor het nemen van een aantal foto’s, wederom kwamen vele emoties naar boven.
Tot slot overhandigde de werkgroep Doc. ’39-’45 samen met de heer Kleinluchtenbelt een kleine attentie aan mevrouw Dean. In een fotolijst kreeg zij samen met een foto van de bemanning van de bommenwerper, één van de weinige fragmenten die nog overgebleven zijn van het toestel. Op die manier kan zij een stukje van haar oom mee terug nemen naar Australië.
Voor de beeldvorming van de lezer volgt hier het verslag van de enige overlevende van de crash, de bommenrichter Sgt. Horatio Irwin Munckton. Vlak na de oorlog schrijft hij dit aan een nabestaande van de radiotelegrafist van het toestel Sgt. Colin Hugh Mackenzie Smith.

Zoals u weet was Sgt. Smith zijn crew niet mijn vaste crew. Ik heb diverse keren met hen gevlogen boven Engeland en het waren stuk voor stuk geweldige jongens. Onze piloot Kim Viney, waarmee ik tevens training heb gehad op Lichfield was een echte tovenaar achter het stuurwiel. Hij was de beste piloot van onze opleiding en tevens iemand waar je op kon vertrouwen in gevaarlijke situaties. Wij werden die week gebriefd voor diverse missies, onder andere naar Hamburg, Bremen en Essen en om de een of andere reden bleef ik maar ingedeeld bij deze crew. (door het sneuvelen van Sgt. Dan kreeg de crew van piloot Viney een vervangende bommenrichter aangewezen). De 27e van augustus was een prachtige zomeravond. We stegen op tijdens schemer, rond 21:00. Er was geen enkel teken dat erop wees dat deze missie anders zou worden dan alle andere behalve dat de route naar Kassel over een zwaar verdedigd gebied liep. We moesten de Nederlandse kust passeren tussen Rotterdam en Amsterdam in een gebied dat vol stond met luchtafweerkanonnen en nachtjagers. Tijdens het oversteken van de Noordzee zagen we de maan snel opkomen, terwijl wij in oostelijke richting vlogen. Het was bijna volle maan en vanuit mijn geschutskoepel in de neus van het toestel kon ik andere toestellen zien vliegen op een afstand van 15 km. Over de intercom gingen diverse gebruikelijke grappen heen en weer maar dichterbij de Nederlandse kust viel het stil op de intercom. De Duitse verdediging kon ons toestel peilen door het gebruik van de intercom.
Enkele tientallen zoeklichten schenen de lucht in, in een poging om ons te vangen in zo’n lichtbundel, om ons vervolgens met luchtdoelkanonnen uit de lucht te schieten. Diverse zoeklichten kregen ons in hun bundel maar konden ons niet vasthouden omdat onze piloot Viney deze van ons afschudde door allerlei manoeuvres. Heelhuis kwamen we door deze barrière, tot we op ongeveer een half uur van ons doel vlogen tussen Hamm en Munster rond 22:30.
De eerste waarschuwing kwam over de intercom van vermoedelijk onze straatschutter Sgt. Henry Thomas Augustus Turner. Ik zag kleine lichtjes vanaf onze onderkant omhoog schieten. Ze kwamen snel dichterbij onze linkervleugel. Ik draaide onze neuskoepel naar links om te zien of ik een glimp kon opvangen van een nachtjager die ons in het vizier had. Onze piloot Kim Viney gooide direct de neus van het toestel omlaag maar de nachtjager moet ons gevolgd hebben want ik hoorde diverse explosies achter mij, waarna ik mijn geschutskoepel niet meer kon draaien.
Toen Viney de neus weer optrok zaten we op ongeveer 2100 meter hoogte in een grote band met bewolking, ongeveer 2500 meter lager dan we enkele seconden eerder zaten. Ik riep Viney en zei dat mijn geschutskoepel buiten gebruik gesteld was. Sgt. Turner, onze staartkoepelschutter, zei ook dat zijn koepel niet meer werkte. Kim vroeg mij naar boven te komen om te kijken wat voor schade er aangericht was door de aanval. Kim vroeg vervolgens of iedereen ongedeerd was. Sgt. Turner en ook Sgt. Smith zeiden ongedeerd te zijn.
Ik kwam bovenin het toestel en zag Sgt. Smith (onze radio telegrafist)ongedeerd achter zijn radio zitten. Hij grijnsde naar mij en ik zag toen nog niet dat zijn linker kaak bloedde, omdat hij met zijn rechterhelft naar mij toe zat. Het was niet vóór ik onze brandstofvoorraad had gecontroleerd, onze bommenlading had afgeworpen en we hadden besloten om terug naar Engeland te vliegen dat Sgt. Smith mij liet zien dat hij gewond was aan zijn gezicht. Het stelde niet heel veel voor. Een stuk granaat had door zijn wang gesneden voor een stuk van 5cm maar de snee was niet heel diep. Ik heb een snelverband aangelegd om zijn hoofd waarna ik teruggelopen ben naar onze piloot Viney om naast hem te staan. Ik geloof dat Viney aan Smith vroeg of hij onze positie kon doorgeven aan onze basis in Engeland. Viney wist zeker dat wij onze thuisbasis niet meer zouden halen die avond en dat we een noodlanding zouden moeten maken in de Noordzee. Bijna al onze brandstof uit onze bakboord tank was verdwenen waardoor wij nooit genoeg brandstof zouden hebben om terug te komen in Engeland. We kwam weer terug boven Nederlands grondgebied toen zonder enige waarschuwing overal om mij heen dingen ontploften en het toestel als een gek naar beneden raasde. Kim wees mij erop dat ik uit het toestel moest springen. Sinds de eerste aanval droeg iedereen uit voorzorg zijn parachute behalve Viney. Ik raapte zijn parachute op, gaf deze aan hem, opende het ontsnappingsluik waar ik op stond en sprong naar buiten. Er was een geweldige windvlaag en vervolgens een knal op de grond. Ik lag op ongeveer 100 meter van het brandende wrak en dankte god dat ik het er levend vanaf had gebracht.
Ik hoorde vreemde stemmen om mij heen en bleef liggen waar ik lag voor ongeveer een uur, tot het toestel zo goed als uitgebrand was. Ik verstopte mijn parachute en kroop door de velden om veilig en ongezien weg te komen.
De volgende ochtend had ik ongeveer 10 kilometer afgelegd en kwam ik in de buurt van Zwolle. Ik werd gezien door een Nederlandse politieagent die mij mee nam naar zijn huis. Hij heeft vervolgens de Duitsers gebeld in Zwolle die mij hebben opgehaald in een auto. De Duitsers hadden een foto bij zich die ze moeten hebben gevonden in één van de zakken van onze piloot Kim Viney. Ze vertelden mij dat er drie verbrandde lichamen waren gevonden bij het toestel wat mij liet denken dat de vierde, Kim Viney, ook weggekomen was en dat Turner, Smith en Jarrett omgekomen waren.
Er was geen enkele kans voor ons om elkaar nog iets te zeggen na de laatste aanval omdat onze intercom defect raakte en het slechts enkele seconden duurde voor het toestel zich in de grond boorde.
www.ouddalfsen.nl
www.teunispats.nl/jack-edward-gibbs.htm#Dalfsen

Foto's 10
Hoog bezoek voor de werkgroep Doc. ’39-’45 van de Historische kring Dalfsen. - Foto: H.G. Foto
Foto: H.G. Foto
Hoog bezoek voor de werkgroep Doc. ’39-’45 van de Historische kring Dalfsen. - Foto: H.G. Foto
Foto: H.G. Foto
Hoog bezoek voor de werkgroep Doc. ’39-’45 van de Historische kring Dalfsen. - Foto: H.G. Foto
Foto: H.G. Foto
Hoog bezoek voor de werkgroep Doc. ’39-’45 van de Historische kring Dalfsen. - Foto: H.G. Foto
Foto: H.G. Foto
Hoog bezoek voor de werkgroep Doc. ’39-’45 van de Historische kring Dalfsen. - Foto: H.G. Foto
Foto: H.G. Foto
Hoog bezoek voor de werkgroep Doc. ’39-’45 van de Historische kring Dalfsen. - Foto: H.G. Foto
Foto: H.G. Foto
Hoog bezoek voor de werkgroep Doc. ’39-’45 van de Historische kring Dalfsen. - Foto: H.G. Foto
Foto: H.G. Foto
Hoog bezoek voor de werkgroep Doc. ’39-’45 van de Historische kring Dalfsen. - Foto: H.G. Foto
Foto: H.G. Foto
Hoog bezoek voor de werkgroep Doc. ’39-’45 van de Historische kring Dalfsen. - Foto: H.G. Foto
Foto: H.G. Foto
Artikel delen: