DALFSEN – De handreiking zonnevelden zorgt dat initiatieven voldoen aan Artikel 2.1.8 van de provinciale Omgevingsverordening De regeling voor zonnevelden in de Omgevingsverordening vermeldt de provinciale kaders. Zonnevelden alleen toestaan als tijdelijk (mede)gebruik van de gronden – Aantoonbare maatschappelijke meerwaarde.
Aantoonbare compensatie van de ruimtelijke kwaliteit In de vertaling naar de ruimtelijke onderbouwing in gemeentelijke bestemmingsplannen moet aan deze voorwaarden zijn voldaan. Aansluiten bij de regeling en de werkwijze van de provinciale handreiking verkleint het risico op frictie tussen gemeentelijke- en provinciale regelgeving.
De gemeente bepaalt in de voorfase of er medewerking kan worden verleend aan een initiatief voor een zonneveld. De gemeente toetst aan de mogelijkheden die het provinciaal beleid biedt (Omgevingsvisie) en aan de eigen visie op het buitengebied. Hier zit de koppeling met de kaart vanuit de structuurvisie Buitengebied Dalfsen. Verderop in het proces ligt het formele regiemoment. De gemeenteraad beslist over de benodigde aanpassing van het bestemmingsplan voor elk afzonderlijk zonnepark.
Initiatiefnemer en de omgeving hebben speelruimte om samen tot maatwerkoplossingen te komen. Initiatieven voor zonnevelden kunnen op verschillende manieren starten. De handreiking geeft ruimte aan deze verschillende vormen. Die ruimte is belangrijk om betrokken partijen speelruimte te geven om een (maatwerk)vorm te kiezen die in hun specifieke situatie werkt. De rol van de gemeente is die van de faciliterende overheid. Dit past in de geest van de Omgevingsvisie en de veranderende samenleving.
Doch tijdens de commissie vergadering kwaken er nog veel vragen over tafel om vooral de omwonenden goed te informeren en bij de plannen te betrekken, De heer Schuurman Gem. Bel. vroeg de plannen inzichtelijk te maken met een 3D presentatie. Dit om een goed evenwicht te krijgen tussen klimaatdoelstelling en overlast. De heer Kouwen van het CDA vroeg hoe kunnen we voorkomen dat elk voorstel in de raad terechtkomt. Hij gaf ook aan dat de belasting voor de omgeving groot is, ruimtelijk gebruik van goede landbouwgrond onwenselijk en was van mening dat de omgeving mee moet profiteren van de opbrengst. Ook de ChristenUnie gaf aan dat er goed overleg moet zijn met betrokkenen in het gebied, de zichtbaarheid een nadere inkadering vraagt , criteria moeten duidelijk zijn.
Wethouder Agricola geeft aan dat de besluitvorming bij de raad ligt, maar we afhankelijk zijn van investeerders van buitenaf als er in de gemeente geen belangstelling is. Maar elk plan blijft maatwerk. De initiatieven komen op dit moment van de landbouwers zelf.
Als reactie noemt het CDA dat de plannen moeten passen in de omgeving en niet uit de hand gaan lopen als in Duitsland. De PVDA spreekt van onduidelijke ambities, geen projecten realiseren waar inwoners niet van profiteren. Eerst zien de bulk zonnepanelen te plaatsen op daken. Op een vraag van de wethouder wie van de commissieleden zonnepanelen op het dat heeft, kon slechts een handje vol dit aangeven. Ook de VVD, de heer Warmelink, was van mening dat we moeten zoeken naar plaatselijke investeerders. J Rooijakkers, D66 gaf aan dat we ons niet blind moeten staren op zonnepanelen, de opbrengst van windmolens is vele malen groter. Hij is dan ook niet voor plaatsing op het maaiveld. Geld is niet het probleem, volgens hem zijn er genoeg investeerders te vinden, geld is er genoeg. (denkt hij zelf aan investeren?)
Gemeentebelangen voegt er nog aan toe dat we verantwoording moeten durven nemen, eerst daken beleggen en voor het plaatsen op maaiveld goede criteria vastleggen. Overlast omwonenden moet gecompenseerd worden en vooral vooraf overleg.
WvdV

