Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma

Indiëherdenking in Dalfsen

DALFSEN – NIEUWLEUSEN – Op de Algemene begraafplaats aan de Ruitenborghstraat in Dalfsen zijn vanmiddag de acht gesneuvelde militairen uit Dalfsen en Nieuwleusen herdacht.

Burgemeester Erica van Lente hield een toespraak tijdens de Indiëherdenking op de algemene begraafplaats en deelt haar bericht graag met de kijkers van DalfsenNet. Wij vonden het dan ook niet gepast, om hieraan te gaan sleutelen. Onderstaand de toespraak van de Burgemeester.

Wat fijn dat we hier vanmiddag samen kunnen zijn nadat we elkaar zo’n lange tijd niet konden treffen. Bijzonder dankbaar ben ik dat een aantal Indië-veteranen en nabestaanden van Indië-veteranen hier vandaag aanwezig zijn.

Mijn toespraak begin ik met fragmenten uit een lied van Stef Bos dat hij zong tijdens de Veteranen dag in juni. Het lied is getiteld “Een veteraan herken je niet”:

‘hoe vaak zag ik jou lopen

en liep ik jou voorbij

ik wist niet wie je was

nam ook nooit echt de tijd

totdat je naast mij zat

en jij begon met mij te praten

en opeens trok heel jouw wereld aan mij voorbij

De velden van Cambodja

de straten van Beirut

De heuvels van de Balkan

De kinderen in Kaboel

Opeens keek ik door jouw ogen en kwam alles dichterbij

Ik zing voor jou een rode loper die nooit werd uitgelegd

Er wordt soms veel gepraat hier, maar er wordt niet altijd veel gezegd

De eindeloze dagen

gezworen kameraden

de stilte voor een hinderlaag

de lange nacht die twijfel zaait

de grens van het geweld

de dingen die jij gezien hebt en die je nooit vertelt’

Een veteraan herken je niet. En dat geldt, en gold, zeker voor de Indië-veteranen. Na de vreselijke oorlog in Nederland, besloot de regering jonge landgenoten naar Nederlands-Indië te sturen. 120.000 in totaal. Zo’n 6000 van hen overleefden het niet. Onder hen acht inwoners uit de voormalige gemeenten Nieuwleusen en Dalfsen. Velen keerden gewond terug en herstelden daar lang niet allemaal van. Nog veel meer anderen droegen onzichtbaar leed met zich mee. Veteranen die niet spraken over hun tijd in Nederlands-Indië omdat ze er niet over konden, wilden of durfden praten.

Gaandeweg de afgelopen 70 jaar zijn die verhalen er soms toch gekomen. Met flarden. Zoals ik merkte bij een inwoner die ik kort geleden sprak over iets totaal anders en waar tijdens het gesprek het verdriet op tafel kwam over de vader die naar Nederlands-Indië was geweest en daar nooit echt over heeft kunnen spreken. Zoals ik van mijn achternicht, dat wil zeggen: de nicht van mijn opa, uit Nieuwleusen hoorde over dat haar broer ook naar Nederlands-Indië is geweest en daarvan terugkeerde. Hij heeft nooit aan haar verteld over wat hij daar heeft moeten doorstaan. In het gedenkboek van Ben Kloosterman kunnen we meer over hem lezen, Harm van Lente.

Heel dankbaar ben ik voor de verhalen die de heren Brinkman en Reehorst met ons hebben gedeeld. Hun verhalen over 43 AAT waren de kern van mijn toespraak in 2019. Ik vind het erg bijzonder dat ik de afgelopen jaren enkele keren met hen heb kunnen spreken. Zij hebben – en u heeft allen – met hun en uw verhalen mijn belangstelling aangewakkerd voor deze periode in onze geschiedenis; door uw verhalen heb ik meer begrip gekregen voor de complexiteit van de situatie in Nederlands-Indië. Door uw verhalen heb ik enig gevoel gekregen voor wat u daar heeft moeten doormaken.

Eind 2019 verscheen Onze jongens op Java, een documentaireserie van Coen Verbraak over Indië-veteranen. Hij interviewt er 14. De eerste vraag aan de veteranen in de documentaire: ‘de gebeurtenissen in Nederlands-Indië zijn 70 jaar geleden.

Denkt u er nog wel eens aan?’ De antwoorden zijn indringend:

‘ Dat komt iedere dag terug.’

‘ Dat vergeet je nooit.’

‘ Als het terugkomt, dan denk ik aan hele nare dingen. Vooral aan één nacht, de ergste in mijn leven.’

‘ Van mijn bataljon ben ik 31 kameraden verloren, 8 van mijn eigen peloton.’

‘ Als ik aan die periode denk, dan denk ik het meeste aan dat ik Onze Lieve Heer mag danken dat ik goed teruggekomen ben’.

De jaren 1945 tot en met 1950 verdwijnen steeds verder achter de horizon, worden steeds meer geschiedenis. Alleen verhalen brengen de geschiedenis dichterbij en geven ons de kans te leren voor de toekomst. Dat dit leren niet meevalt blijkt uit de manier waarop we terugkijken op de val van Srebrenica en op hoe we de actualiteit beleven als het gaat om Afghanistan. De emotie die we daar vandaag al over voelen. Die ik al voel, maar die zeker door de veteranen wordt gevoeld die uitgezonden waren naar die gebieden.

Een veteraan herken je niet. En daarom is het belangrijk dat het Veteranencontact er is, dat we elkaar ontmoeten en verhalen vertellen, en dat we samen herdenken. Zodat we, al is het soms postuum, een figuurlijke rode loper kunnen uitleggen voor hen die het hoogste gaven dat ze bezaten: hun gezondheid, hun toekomst en soms zelfs hun leven.

Nederlands-Indië. 1945-1950. Acht militairen, acht jonge inwoners uit de voormalige gemeenten Dalfsen en Nieuwleusen lieten het leven in deze strijd, zo ver weg van huis. Hun namen zijn net genoemd. Vandaag herdenken en gedenken we hen.

Foto's 14
Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma
Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma
Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma
Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma
Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma
Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma
Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma
Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma
Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma
Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma
Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma
Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma
Indiëherdenking in Dalfsen - Foto: Johan Bokma
Foto: Johan Bokma
Artikel delen: