DALFSEN – Tijdens de groei is het gewei bedekt met een dikke, fluweelachtige huid (Bron: Mark Zekhuis). Jonge reebokken krijgen in hun eerste levensjaar al ‘knoppen’, een klein geweitje van enkele centimeters hoog, dat ze in januari of februari pas afwerpen.
Jongere bokken werpen hun gewei later af dan oudere dieren, die vaak begin oktober al beginnen. Onmiddellijk na het verlies van dit startersgewei begint de groei van het eerste echte gewei. Dat is tussen maart en juni volgroeid. Tijdens de groei van een nieuw gewei ontwikkelt er zich een dikke, fluweelachtige huid rond de stangen. Deze huid, bezaaid met bloedvaatjes en zenuwen, beschermt en voedt het groeiende gewei.
Tekst: Ineke Radstaat, Nature Today
Foto’s: Nik Borrow, Flickr; Mark Zekhuis


