DALFSEN – Gisteravond was de eerste bijeenkomst van de Historische Kring Dalfsen in het zaaltje bij de Westermolen, met als onderwerp, de verdwenen en nog bestaande molens in Dalfsen. Gerlof Veldhuis was de eerste spreker, “Dalfser molens die er niet meer zijn”. De oudste Molens in het gebied van Dalfsen was in volgorde de molen van Rechteren (foto) vanaf ongeveer 1475, als molenaar werd genoemd Snel.
De tweede molen was de Oostermolen, die stond vooraan aan de Brinkweg ook weer een Snel vanaf ongeveer 1567 tot 1870. In Rechteren aan de Rekveldweg heeft Dissel ook een molen gebouwd, maar die heeft er niet lang gestaan, die molenonderdelen zijn door Dissel verplaatst naar de locatie van de Westermolen om die daar opnieuw op te bouwen.
De Derde molen was de Lenthermolen aan de Molenhoekweg bij Hoonhorst, eigendom van de familie van der Vegt, gebouwd in 1529 en afgebroken rond 1903, de molenkap is toen gekocht door de Vilsterse molen, die getroffen was door een brand. ( Deze Lenthermolen niet te verwarren met de Nieuwe Lenther molen die juist bij Heino stond, toen de Lemelerveldseweg en de weg naar den Alerdinck nog tot de gemeente Dalfsen behoorden. Later werd dit de Hooglucht molen die tijdens de oorlog kapot geschoten is, red.).
Belangrijke molens waren de verschillende molens van Fijen, eerst een oliemolen op ongeveer dezelfde locatie als het huidige bedrijf, een tweede molen iets verder was een koren ofwel pelmolen. Maar ook aan de overzijde van de Vecht, ongeveer waar nu het ooievaarsnest staat, stond aam de toen nog meanderende Vecht een houtzaagmolen, bouwjaar niet genoemd, maar wel dat de graaf van Rechteren die molen in 1864 heeft opgekocht. Nadat de rivier de Vecht is rechtgetrokken moest ook deze molen worden gesloopt.
In Lemelerveld werd in 1860 een molen gebouwd, de molen van Janssen, ook die is door de aanpassingen van wind naar andere aandrijving al in 1925 afgebroken. Veel molens kregen teveel concurrentie van elektrische molens. In Oudleusen stond de molen van Garssen, die al in 1918 door brand is verwoest. Het hele gemetselde onderbouw is intact gebleven en wordt gebruikt als pakhuis. Deze molen is nooit herbouwd, de restanten staan nog steeds aan de Parallelweg in Oudleusen.
Molen Fakkert in Hoonhorst, gebouwd in 1862 en een grote brand in 1868, doch weer snel herbouwd. Molen bleef altijd in de familie Fakkert. (veel Fakkerts zijn uitgevlogen naar andere molens, zoals Heeten, Hellendoorn en Twello. Red). tot de dertiger jaren van de vorige eeuw werd er met wind gemalen tot er elektriciteit beschikbaar kwam midden dertiger jaren. Fakkert groeide hard, te hard voor een klein dorp. Grote silo’s en zwaar verkeer zorgen voor overlast. Rond 2000 heeft de gemeente Dalfsen het hele terrein opgekocht met plannen voor woningbouw. Bij Fakkert lag de opdracht het terrein schoon op te leveren, inclusief de sloop van de molenstomp. Doch een aantal vrijwilligers sprong in de bres om in elk geval de molenstomp voor het dorp te behouden…..
Dit heeft na jaren lang overleg met de gemeente er toe geleid dat de molen, (inmiddels samen met het molenhuis een Rijksmonument) is blijven staan en gerestaureerd en met trots in 2012 heropend werd en wordt beheerd door een molenstichting. (boekje alles over Fakkert en de Molen Fakkert nog te koop bij de molen).
Eind vorig jaar is ook de Molen van Mansier in Oudleusen weer volledig gerestaureerd, nadat die ook door jaren leegstand ernstig in verval was geraakt.
In de Bellingeweer heeft ook nog een molen gestaan van Snel, doch die is na 13 jaar gebruik afgebrand en niet weer opgebouwd. Fijen had ook nog een molen aan de Wilhelminastraat waar later garage Hutten was gevestigd, ook die is later afgebroken. In Dalfsen nog de Grutte Molen op de hoek bij de van Ankumpad, deze molen is gebouwd voor 1800, eigenaar van Ankum, dus vooral als grutte molen, voor het breken van boekweit. Molen werd door een paard aangedreven, ook hier door de komst van elektra, opgeheven. Later werd dit het kantoor van de gemeentewerken Dalfsen.
De Westermolen, al genoemd dat Dissel de molendelen vanuit de Rekveldweg naar Dalfsen bracht in 1818 om hier vooral met westenwind veel wind te kunnen vangen. Weer een bekende molenfamilie Snel kwam hier al molenaar die ook het molenhuis liet bouwen. Later werd Wenzel molenaar, opgevolgd door Makkinga. Ook deze molen heeft daarna lang stilgestaan en heeft Makkinga rond 1989 de molen verkocht aan de gemeente Dalfsen. In de periode tot 1993 is de molen gerestaureerd en wordt nu door 6 vrijwillige molenaars in bedrijf en draaiende gehouden.
Elke zaterdagmiddag is er gelegenheid de Westermolen te bezoeken, ook de molen van Fakkert in Hoonhorst is elke zaterdagmiddag open voor het publiek. (Is uw belangstelling groot om molenaar te worden en ziet u niet tegen een pittige cursus op, neem dan contact op met een van de beide molens. red.)
De Westermolen door Jan Bandriet; al vrijwillig molenaar op de Westermolen vanaf het begin. Een molenfoto uit 1846. Een 8 kantige stellingmolen, met oorspronkelijk een doorgang dwars door de molen om er met paard en wagen door te kunnen. Op foto, de inmetseling nog te zien. Deze molen heeft nog diens gedaan als pelmolen, olie en als houtzaagmolen. Wieken van de woning voorzien van Van Busselneuzen om meer wind te vangen, lengte wieken bedraagt 22,2 meter. De wieken draaien vol bij een snelheid van 40 tot 60 km per uur, maar er zijn op hol geslagen molens bekend met snelheden van boven de 100 km per uur, heel erg gevaarlijk als dat zo hard gaat. Vaak is de rem daar niet tegen bestand en kan er brand ontstaan, zo zijn vaak molens afgebrand door ondeskundig handelen.
De wieken drijven een spoorwiel aan en die weer de koningsspil, waaraan verschillende aansluitingen mogelijk zijn door middel van wielen. De belangrijkste is wel de aandrijving van de molenstenen. Graan wordt in de bak boven de steken gestort (kaar) om van hieruit naar de stenen, tussen onder- en bovenligger (loper) gemalen. Stenen kunnen van beton zijn, maar ook van natuursteen. Op de steenzolder een steenkraan om de steen er af te kunnen tillen. Verder aanwezig een lui-tafel, waarmee het graan op windkracht naar boven kan worden getakeld met een lang touw, of weer naar beneden. Jan heeft de hele werking van de molen uitgelegd, maar zo snel kan ik echt niet schrijven.
Onder in de molen zijn nog restanten gevonden van een oliemolen die hier heeft gedraaid. Kortom heel veel informatie in een paar uur, mijn advies, neem een keer de tijd en ga een bezoek brengen aan een van de nog werkende molens, het kost u niets, wel willen ze graag een kleine bijdrage, ach wie wil dit niet.
De Historische kring heeft een volgend onderwerp in voorbereiding. Dat betreft oude weg- en straatnamen die we nu niet meer kennen, later meer informatie.
WvdV













