DALFSEN – Soms ziet zorgzaamheid er anders uit dan je in eerste instantie denkt. In deze Merel lees je waarom bermen niet meer overal strak gemaaid worden, wat dat oplevert voor insecten, vogels en bloemen, én hoe jij daar heel eenvoudig aan mee kunt doen.
Merel: “Mensen vinden kort gras vaak netjes. Ik snap dat wel. Je ziet meteen wat je gedaan hebt. Maar vanuit de lucht zie ik iets anders: hoe korter alles wordt, hoe stiller het wordt. Minder gezoem. Minder gefladder. Minder eten. Minder leven.”
Als je de laatste jaren wat beter om je heen kijkt in Dalfsen, dan zie je het misschien al. Bermen die langer blijven staan. Bloemen die ineens op plekken opduiken waar vroeger alleen gras stond. Stukken die niet overal tegelijk gemaaid worden. En misschien dacht je weleens: hé… zijn ze hier vergeten te maaien? Nee. Juist niet.
Merel vliegt boven de gemeente Dalfsen van hot naar her op zoek naar biodiverse en duurzame verhalen.
Wat je ziet, is een andere manier van maaien. Een manier die helpt om bermen weer onderdeel te maken van een levend landschap. Bermen zijn namelijk veel meer dan gras langs de weg. Voor insecten zijn het snelwegen om van het ene stukje natuur naar het andere te komen. Voor bijen zijn het tankstations. Voor jonge vogels zijn het voorraadkasten. En voor planten zijn het plekken om zich te verspreiden.
Het gras wordt gemaaid én afgevoerd. Dat noemen ze verschralen. Klinkt misschien karig, maar voor bloemen is het juist een feest. De bodem krijgt minder voedingsstoffen, waardoor kruiden, margrieten, klavers en andere bloeiers weer een kans krijgen in plaats van gras.
Er gebeurt nog iets slims: niet alles wordt tegelijk gemaaid. Op sommige plekken blijft elk jaar een flink deel gewoon staan. Voor insecten die daar overwinteren. Voor planten die zaad moeten vormen. Voor rupsen, kevers, spinnen en alles wat je niet meteen ziet, maar wat er wel hoort.
Een berm vol bloemen en hoog gras ziet er anders uit dan een strak geschoren rand. Als je het fijn vindt om alles strak aan te harken, is een weelderige berm misschien even wennen. Kijk dan eens een tijdje naar die berm. En luister. Zie je het bewegen? Hoor je het zoemen? Als je het effect ziet is het wennen misschien een minder grote stap.
Dan jouw eigen stukje. Want juist daar begint het. Dat strookje langs je erf. Die rand naast je oprit. Dat stukje wat “even meegenomen” wordt als de maaier toch draait. Wat nou als je dat eens niet doet? Of maar deels? Of later? Of het maaisel afvoert in plaats van laat liggen? Dan sluit jouw stukje aan op iets groters. Dan help je mee aan één lang lint van leven. Niet voor ver weg, maar gewoon hier. Rond je huis, in jouw straat, in jouw wijk.
“Toen mijn jongen nog in het nest zaten, vloog ik af en aan met wormen, rupsen en bessen,” vertelt Merel vanaf een tak boven de berm. “Er komt altijd een moment dat ik ze niet meer kan blijven voeren, beschermen of terugduwen in het nest. Dan moeten ze springen, oefenen, vallen, opstaan en zelf hun weg vinden. Zorgen voor is niet alles in toom houden. Soms is het vooral ruimte geven.”


