DALFSEN – Vogels kijken en ervan genieten kan op vele manieren. De vogel spotten en op naam brengen. Verdiepen door te kijken naar de (lokale) leefomstandigheden en rekening houden met seizoenen. Kennisnemen van de verspreiding en de grootte van de populatie. Vraag te stellen zoals, “Waar verblijven de vogels in de winter”?
In Nederland of het verre buitenland? Je af te vragen “Hoe vinden vogels de weg? Hoe navigeren ze? En, “Maken ze gebruik van tussenstops om te rusten en te eten”? Je de vraag stellen, “Klimaatverandering, wat zijn de consequenties voor vogels en hoe te anticiperen?” Illustratief is de Kemphaan. Een soort die broedt op de toendra’s van Scandinavië, Rusland en Oost-Europa en als broedvogel uit ons land is verdwenen. Ruim een eeuw geleden was de soort de meest voorkomende weidevogel in ons land. Nu alleen tijdens de trek hier te spotten.
De soort is bekend om zijn rituele gevechten op de “lek” waar donkergekleurde honkmannetjes en witgekleurde satelietmannetjes hun pronkgevechten houden. Daartussen sluipt een 3e soort mannetje, dier eruitziet als een groot vrouwtje, die zijn slag probeert te slaan. Overigens zijn het de vrouwtjes die de keuze van partner bepalen. Dus ook hier niets nieuws onder de zon.
De grootte van de populatie wordt sterk beïnvloed door de industrialisatie van ons agrarisch gebied, door drooglegging van de natte gebieden in en rond de Sahel, door vangsten in deze gebieden om als voedsel om de markt te worden verkocht. Maar ook door de opwarming van het klimaat verdwijnen broedgebieden in het hoge noorden.
Kortom allemaal invalshoeken om slechts één vogelsoort te bezien. Vogelen kan ons venster naar de wereld zijn, de Kemphaan, onze kanarie in de kolenmijn.
Jos Scholten.



