DALFSEN – Meeste uitbreidingsplannen in intensieve veehouderij en melkveehouderij
Na een moeizaam 2009 waarin het aantal uitbreidingsplannen flink daalde ten opzichte van het jaar ervoor, lijkt de Nederlandse agrarische sector nu weer wat positiever te zijn over de toekomst.
Bijna een kwart van de boeren en tuinders heeft uitbreidings- of opvolgingsplannen. Echter, het percentage agrarische ondernemers dat op korte termijn denkt te stoppen of af te bouwen, is licht gestegen. AgriDirect vroeg Albert Jan Maat, voorzitter van LTO Nederland, om een reactie: “Petje af voor ondernemers die zich hebben herpakt.”
AgriDirect inventariseert jaarlijks door middel van telefonische interviews de toekomstverwachtingen van alle agrarische ondernemers in Nederland. Als een bedrijfshoofd ouder is dan 50 jaar, wordt tevens gevraagd of er een opvolger is.Ook stijging uitbreidingsplannen in glastuinbouw en bloembollensector
Van oudsher zijn de intensieve veehouderij en de melkveehouderij de sectoren met de hoogste percentages uitbreidingsplannen. Dat is in 2010 niet anders. Onder vleeskuiken-, fokzeugen- en melkveehouders is het percentage dat op korte termijn wil uitbreiden, capaciteit bijkopen of het bedrijf laten opvolgen, ook nog eens gestegen ten opzichte van 2009. De gesloten varkensbedrijven blijven met ruim 41% koploper.
Ook in de glastuinbouw- en bloembollensector is de stemming optimistischer te noemen; de dalende lijn in het percentage tuinders met groeiplannen is voor het eerst sinds 2007 doorbroken.
Aantal bedrijfsopvolgers licht gedaald
Het percentage agrarische ondernemingen met een bedrijfshoofd ouder dan 50 jaar dat een bedrijfsopvolger heeft, is in 2010 licht gedaald ten opzichte van 2009. Met uitzondering van de fruitteelt en de vleeskuikenhouderij, is deze tendens zichtbaar bij alle agrarische hoofdactiviteiten.
In de melkveehouderij is het percentage bedrijfsopvolgers het hoogst, in de vleesvarkenshouderij het laagst.
Meer bedrijven die willen stoppen of afbouwen
In 2010 is het percentage boeren en tuinders dat op korte termijn wil stoppen of afbouwen, licht gestegen. Bij fokzeugenhouders zien we dat het percentage potentiële ‘stoppers’ 3% hoger uitvalt dan in 2009. De vleesvarkenshouderij is met 12% momenteel de sector met de meeste intenties tot stoppen of afbouwen.
Uitzondering op deze tendens zien we in de sectoren fruitteelt, boomkwekerij, bloemen onder glas en vleeskuikenhouderij. Hier is het percentage ‘stoppers’ in 2010 juist lager dan het jaar ervoor.
Albert Jan Maat, voorzitter LTO Nederland, reageert
“De stemming onder boeren en tuinders is positiever, dat beeld kwam ook naar voren uit een enquête die we eind vorig jaar onder de LTO-leden hebben gehouden. Hogere opbrengstprijzen en een enigszins gedempte kostenstijging vormden vorig jaar de basis voor herstel. Petje af voor ondernemers die zich hebben herpakt.
Nadat de inkomens in 2008 en vooral 2009 dramatisch laag waren, toonde de agrarische sector het afgelopen jaar vooral veerkracht. De bedrijfsresultaten waren toen gelukkig heel wat beter, al was dat helaas niet over de hele linie (varkenshouderij).
De prognoses voor 2011 zijn gematigd tot tamelijk positief. Dat is trouwens hard nodig, want de inkomens in onze sector blijven achter bij die uit andere sectoren van de economie. Ik hoop dat de tendens van marktherstel zich krachtig doorzet, want dat is hard nodig voor de continuïteit van de bedrijven.
Er wordt wat optimistischer gekeken naar uitbreidingsplannen, al geldt ook dat weer niet in alle sectoren. Het weer iets dalende percentage bedrijfsopvolgers vind ik zorgelijk. Die dalende lijn moet omhoog. Uitbreidingsplannen van ondernemers kunnen evenwel niet los worden gezien van bedrijfsbeëindiging elders binnen sectoren.
Door meer concurrentiekracht, innovatie en onderscheid op de markt (duurzaamheid!) moeten agrarische bedrijven er stap voor stap sterker voor komen te staan. We zijn er nog lang niet. Alleen met gezond toekomstperspectief zal het lukken om het aantal bedrijfsopvolgers weer te laten stijgen.”

