Een kijkje in de boden in Oosterdalfsen

 

OOSTERDALFSEN – Vandaag donderdag 14 juni heeft de gemeente Dalfsen en de Archeologische dienst belangstellenden de gelegenheid gegeven kennis te maken met het archeologisch vooronderzoek in de bodem van de nieuwe woonwijk “Oosterdalfsen”. Medewerkers van deze archeologische dienst gaven uitleg wat hier gevonden is.

 

In het gebied zijn 31 proefsleuven gegraven van 4 bij 15 meter op een diepte tot de dekzandgrondlaag die is ontstaan in de laatste ijstijd. Deze eindigde hier ongeveer 10000 jaar geleden. In die grondlaag zijn normaal de sporen van de eerste bewoning van de late bronstijd en de ijzertijd waar te nemen, dus ongeveer tot 1000 jaar voor Christus. Hier troffen de archeologen veel paalgaten aan van wat mogelijk een boerderij is geweest, maar ook werd in een sleuf menselijke botresten gevonden die duidelijk gecremeerd en daarna begraven waren gezien de hoeveelheid houtskool.

 

Volgens de archeologen bestaat de mogelijkheid uit deze botresten zelfs nog af te leiden of het een man of vrouw is geweest en uit de houtskool is de periode te achterhalen wanneer dit graf gemaakt is. Dat het een graf is blijkt ook uit een greppel die rond de brandplaats is gegraven om daarmee het graf af te dekken. Daardoor is mogelijk een klein grafheuveltje ontstaan in deze grond. Verder zijn er wat oude scherven gevonden van potten en vuursteen. In een andere sleuf is duidelijk zichtbaar dat hier ook een weg heeft gelopen, de karrensporen zijn duidelijk te zien in de oude dekzandlaag en tekenen zich goed af, zie foto’s.

Dat dit een hoog gedeelte is was duidelijk, de randen van het gebied liggen veel lager en daar is de oude dekzandrug doorspoeld met ijzeroer en tekent licht tot soms donderbruin. In de vroege middeleeuwen ( 1050 na Chr. tot 1800 )is dit gebied meer bewoond geweest en de grond bewerkt en bemest. Op het hoge gedeelte is de grond meer gebruikt gezien de dikke eslaag die hier aanwezig is, van ruim 1 meter. Deze eslaag ontstaat door bemesting vanuit de potstal. Het vee stond in een potstal, een stal die soms eerst wat is uitgegraven en het vee een heel jaar blijft staan als het niet buiten loopt. De mest in het potstel wordt telkens afgedekt met plaggen uit het Vechtdalgebied of heideplaggen uit het veld, zodat het vee droog kan staan. Hierdoor ontstond een zeer belangrijk mengsel dat hard nodig was om het land vruchtbaar te maken. Een keer per jaar werd die massa op het land uitgestrooid waardoor in de loop de eeuwen een dikke laag is ontstaan omdat een groot deel van de plaggen uit zand bestaat.  In lage gebieden is de eslaag uit duidelijk dunner tot minder dan een halve meter.

Kortom, deze proefsleuven gaven een beperkt beeld van de vroegere bewoning, zodra het als woongebied in gebruik wordt genomen zal zo nodig een uitgebreid onderzoek plaatsvinden zoals ook in 2005 in de Gerner Marke is uitgevoerd.
Alle bezoekers konden nu nog kennis maken met dat onderzoek, want iedere bezoeker ontving een boekje wat door de gemeente Dalfsen over dit onderzoek is uitgegeven. “Thuis op de Gerner Marke”
Het was een leerzame bijeenkomst.
WS

Artikel delen: