DALFSEN – Tussen welke standen, een dia presentatie van Ab Goutbeek voor de Middenstand van Dalfsen 2 jaar terug, gepresenteerd na de film Zunnewende door de activiteitencommissie van de Historische werkgroep Dalfsen.
Terug naar het verleden; de natuur heeft het verleden gevormd zoals de Vecht met zijn prachtige rivierduinen. Daarop zijn groepjes jagers/boeren gaan wonen waarmee de gehuchtjes in het Vechtdal zijn ontstaan zoals Lenthe, Emmen, Millingen, Hessum, maar ook Dalfsen, Gerner, Oosterdalfsen, Oudleusen enz. Toen vaak gevormd tot 6 of 7 boerderijtjes, zo is het in het gebied rond Dalfsen ook begonnen. Als de groep groter werd konden er spanningen ontstaan. Die spanningen maakte het soms noodzakelijk wat afspraken te maken of op papier te zetten waaruit uiteindelijk de Marken zijn ontstaan.
Maar boeren roerden zich ook in die tijd al waarop de landheersers van die tijd, de Bisschop van Utrecht zich er mee ging bemoeien en hier en daar een kerkje bouwde waardoor er dorpjes ontstonden, maar ook werden er nederzettingen of kastelen gebouwd, heerboeren aangesteld die de keuters (kleine boeren) in bedwang moesten houden. Keuterboeren hadden geen rechten, alleen maar plichten. Heerboeren kregen rechten op een door de bisschop uitgezochte locatie op voldoende afstand van elkaar (o.a. Ierthe). Niet de bewoner of persoon kreeg het recht, maar de boerderij.
Doordat keuters geen mogelijkheden hadden tot uitbreiding of andere plaatselijke activiteiten konden die zich met moeite in leven houden en gingen op zoek naar andere activiteiten om iets te verdienen. Geld was er zat, maar dat zat bij de heerboeren en hoge adel, hoe krijg je dat daar weg. Juist door in te spelen op hun behoeften zoals wagenmakers, kleermakers glazenmakers, schilders, klokkenmakers, smeden, mandenmakers, spinners, bakkers, scheepsbouwers van zompen om hun goederen te kunnen vervoeren zoals tuf en granen. Alles om de hoge stand van goederen te voorzien die ze nodig hadden, bedoeld om een eigen levensstandaard op te bouwen.
Dit werd de “middenstand” de stand tussen de keuterboer en de hoge heren van stand in.
De voorjaarsschoonmaak bracht ook de hoge heren (dames) het hoofd op hol, artikelen om schoon te maken als bezems en borstels moesten geleverd worden, handel vanuit de middenstand. In Dalfsen zijn oude namen van de middenstand nu nog volop aanwezig, ontstaan door het vertrek als keuter of uit een keutergezin zoals;
Jaap Cambier met huishoudelijke artikelen, Van ’t Zand woning inrichting en alles wat daar bij hoort, Ruiters kleermakerij, Kleermaker Wijnbergen, Frijling manufacturen, Mansink en de Lange, Wesselink als smid, Gorter de fietsenmaker, Hotel de Ruiter, Fam Breman als wagenmaker, Pals met een Essostation, Pals als Boswachter die het menige stroper erg lastig maakte. Schoemaker Roon, Bakker Frijling waaruit een koekjesfabriek is ontstaan, Verhoeven, Stegeman als horlogemaker. Diverse bakkers als Van de Linden, Wolfkamp, Vijge, Schuurman in Emmen, Lingeman in Lenthe enz. Schoorlemmer en Rietjes die de eerste was met een zelfbedieningswinkel waar men eerst schande van sprak, de mensen zelf de boodschappen in het mandje doen, dat kan eigenlijk niet. Wildvank die naast de groentewinkel ook met de wagen door het dorp ging en buiten een kraam neer zette met groenten waaruit de latere markt is ontstaan.
Poortier die met zijn : “van alles wat wagen”door het buitengebied trok om zijn brood te verdienen. Aannemer Stokvis, Garage Hutten, Jacobs textiel en vele anderen.
Zo is in Dalfsen de “Middenstand”ontstaan met in 1953 de eerste Damitobeurs is een grote tent aan de Zwolscheweg. De Handelsgeest ontstaan in een vergadering in café Marktzicht ( Lenferink).
De middenstand, de stand tussen de keuters en de hoge stand, een prachtige dia presentatie die bij velen weer de herinneringen aan de vervlogen tijd tot leven bracht. ( Ab zat van afstand te genieten)
WvdV
Ab Goutbeek; “tussen welke standen”
Artikel delen:

