Medeklinkers. Weinig verschil bij het Nederlands, alleen in de woorden waar een R voor een D of een T staat, wordt de R wel geschreven, maar bijna niet uitgesproken. Bijvoorbeeld keihard en ik word.
De Nederlandse uitgan EN bij een woord wordt als N, M of NG uitgesproken., zoals bij proaten (proat’n) en vraogen (vroag’n) en nemmen (nem’m).
Een voorvoegsel ge, schrijt en spreekt men in Sallands als een e, zoals eheurd (gehoord) en efietst (gefietst).
Bij overgangsklank van een ie in lettergrepen wordt een j geschreven, als nieje (nieuwe) en bakkerieje (bakkerij. Maar niet bij meien en zeien, (maaien en zaaien).
Lidwoorden het en een als in Ned. Maar ook ’t of ‘n.
Ook samentrekkingen zijn toegestaan, dat heb je, dat he’j
Meervoud uitgangen, –er, zoals eieren wordt eier, kalveren wordt kalver.
Soms volgt achter woorden een e, edoane, (gedaan) iej-e (jij) achte (acht).
Verkleinwoorden ie, kerkie ( kerkje) . flessie ( flesje).
Met tie, boertie (boertje) stuultie (stoeltje) hun(d)tie (hondje) lie(d)tie liedje.
Met gie, touwgie (touwtje) vrouwgie (vrouwtje).
Met egie, Kammegie (kammetje) ringegie (ringetje)
Met pie , raampie (raampje) riempie (riempje)
TT tijd Ik lache, ik lach, ik blieve ik blijf, hij blijft hij blif,
Verl. tijd Ik lach(t)en, ik bleve
Aij dit oallemoal kent goat wie laeter verder met woorties
WvdV

