Het Engelsewerk (Den Aalshorst) had nooit een ijskelder - Foto: Wim
Foto: Wim

Het Engelsewerk (Den Aalshorst) had nooit een ijskelder

DALFSEN – Het Engelsewerk, een prachtig wandelgebied van Den Aalshorst, vaker beschreven met een voormalige ijskelder als vleermuizenkelder. Maar de voormalige werkbaas van Den Aalshorst Jan Veldhuis, bracht hierin duidelijkheid. Er is op den Aalshorst nooit sprake geweest van een ijskelder.

De vleermuizenkelder die in de eind van de vorige eeuw is aangelegd bestaat uit 28 meter lengte aan duikers die vrijkwamen bij de verbreding van de Marswetering. De duikers liggen in Y vorm en heeft twee ingangen. Oorspronkelijk was alleen de westelijke ingang bedoeld als ingang voor de vleermuizen, de parkingang was alleen voor inspectie en onderhoud. Maar dat voldeed niet, er kwamen vrijwel geen vleermuizen op af. Daarom is besloten ook in de deur van de parkingang sleuven te maken voor de vleermuizen en daardoor ontstaat er binnen ook een luchtcirculatie wat goed blijkt te werken.

De vleermuizenkelder wordt jaarlijks geïnspecteerd door ecologen van Landschap Overijssel/provincie Overijssel. Gaat om twee kelders, die van Rechteren en den Aalshorst, De laatste telling van 2019 op het Engelsewerk gaven aan 45 stuks en 4 verschillende soorten. 5% was van de baardvleermuis, 8 % van de grootoorvleermuis, 30 % franjestaartvleermuis en 2 % van een brandtsvleermuis. Het aantal vleermuizen is de laatste jaren gestaag toegenomen, aldus Jan Veldhuis.

Wat velen dachten dat de westelijke ingang een ijskelder zou zijn is dus niet juist. De monumentale stenen zijn onderdelen van enorme hoeveelheden natuursteenelementen die Van Dedem begin vorige eeuw heeft opgekocht van slooppanden in Amsterdam en Haarlem, deze ornamenten lagen jaren lang opgeslagen. Twee zandstenen bouwornamenten met versierselen dienen nu als invliegopening van de vleermuizenkelder. Dus geen ijskelder.

In de Rijksmonumenten omschrijving wordt het park als volgt omschreven;

“Het “Engelsewerk”, 400 meter ten oosten van de huisplaats, dat tussen 1765 en 1785 is aangelegd en is gesitueerd tussen de Voorwaterallee, de Heinoseweg en de Marswetering. Het is een parkbos met kronkelpaden dat gedeeltelijk door eiken worden begeleid, een slingerende watergang, een rechte watergang ter begeleiding van een lindelaan en een grillig vormgegeven vijverpartij. De watergang is het achterste deel van de Marswetering die omstreeks 1775 landschappelijk is vergraven en aan het reeds bestaande werk is toegevoegd. De cirkelgang van de paden om de vijver geven verschillende doorzichten te zien naar de oneindig lijkende slingeringen van het water. Iets verder het Domineesbosje bereikbaar door het Engelsewerk en via een laan verbonden. Een landschapsparkje ook uit dezelfde periode”.

De Voorwaterallee is nog een restant van de vorige aanleg, de z.g.n. Franse stijl. Deze was van oorsprong kaarsrecht en liep door tot aan de Heinoseweg en is rond het einde van de achttiende eeuw aangepast in Engelse landschapstijl. Rond 1820 is de Marswetering om het Engelsewerk gelegd en zijn de rechte lijnen van de voorwaterallee kronkelig gemaakt, het staat in open verbinding via duikers met de gracht om het huis.

De Rijksdienst heeft heel veel beschreven over het landgoed. Alle bijzondere elementen zijn apart beschreven als Rijksmonument.

WvdV

Foto's 4
Het Engelsewerk (Den Aalshorst) had nooit een ijskelder - Foto: Wim
Foto: Wim
Het Engelsewerk (Den Aalshorst) had nooit een ijskelder - Foto: Wim
Foto: Wim
Het Engelsewerk (Den Aalshorst) had nooit een ijskelder - Foto: Wim
Foto: Wim
Artikel delen: