GS bezocht voorbeeldproject Landgoed Vilsteren

GS bezocht voorbeeldproject Landgoed Vilsteren

VILSTEREN – Afgelopen najaar  brachten Gedeputeerde Staten van Overijssel een werkbezoek aan het dorp en gelijknamige landgoed Vilsteren. GS wilde meer weten over hoe boeren op Vilsteren werken aan verduurzaming van hun bedrijfsvoering en hoe ze dit doen in samenhang met de omgeving. De boeren werken aan duurzaamheidsdoelen op basis van kritische prestatie indicatoren (KPI’s) die speciaal voor kringlooplandbouw in het Vechtdal zijn ontwikkeld.

Een groep melkveehouders en een akkerbouwer op en rondom landgoed Vilsteren ontving in juni 2021 uit handen van gedeputeerde landbouw Gert Harm ten Bolscher een eerste prestatiebeloning. Wat in Vilsteren gebeurt door boeren, landgoed en dorpsbewoners samen zou op meer plekken in Overijssel kunnen maar moet ook zeker verder uitgewerkt worden op Nederlandse schaal vindt Ten Bolscher.

In Vilsteren slaan dorpsbewoners, agrarische ondernemers en de eigenaar van het landgoed de handen ineen om stappen te zetten. “Hier zie je op kleine schaal hoe dat op andere plekken kan werken”, vertelt Ten Bolscher. “Het gaat om stikstofreductie, er ligt een wateropgave, nitraatuitspoeling uit de bodem, we hebben te maken met maatregelen voor klimaatadaptatie, vermindering van broeikasgassen en er ligt een biodiversiteitsopgave. Dat hele pakket vloeit voort uit het landelijke coalitieakkoord en het moet bij elkaar komen in een gebiedsgerichte aanpak binnen het Provinciaal Programma Landelijk Gebied. Als provincie willen we ook dat tegelijkertijd de leefbaarheid en de sociaaleconomische kwaliteit van het platteland behouden blijft en er een toekomstbestendige agrarische sector in Overijssel blijft.”

Herwaarderen inzet boeren

Er is de partners in Vilsteren veel aan gelegen om de kwaliteit van het gebied en de waarde van de grond in stand te houden. Ten Bolscher: “De landgoedeigenaar denkt erover na hoe hij samen met de pachtende boeren in kan spelen op wat de samenleving vraagt. Hij is er sterk op gericht de boeren perspectief te bieden. Een andersoortige bedrijfsvoering is gekoppeld aan de pachtvoorwaarden, waardoor de pachtende boeren al invulling geven aan een aantal van de opgaven die er liggen. Met hun bedrijfsvoering dragen ze bij aan de kwaliteit van het landschap. Ze kunnen niet meer boeren zoals ze altijd deden. De verschillende doelen vragen om een andere aanpak. Tegelijkertijd moeten we als samenleving ook bereid zijn om de boeren te betalen voor de waarde die ze leveren. Dat is niet alleen voedsel maar bijvoorbeeld ook een mooi landschap, biodiversiteit en water vasthouden in een gebied. Als we dat belangrijk vinden, moeten we de boeren belonen voor deze ‘producten’ of maatschappelijke doelen.” Herwaardering van hun inzet is dus nodig, zegt de gedeputeerde.

In Vilsteren heeft de provincie in een project beloning gekoppeld aan het behalen van de afzonderlijke doelen door de boeren of boerinnen. De boeren werken aan duurzaamheidsdoelen op basis van kritische prestatie indicatoren (KPI’s) die speciaal voor kringlooplandbouw in het Vechtdal zijn ontwikkeld. De beloning wordt uitgekeerd na objectieve toetsing.

Vilsteren weet met de maandelijkse boerenmarkt met een keur aan streekproducten op mooie wijze de verbinding tussen boer en consument te leggen. “Als consument kom je in contact met de boer of boerin en hoor je het verhaal over hun inzet en passie. De boer krijgt een eerlijke beloning voor het product. En wat ook belangrijk is: de boer hoort persoonlijk de waardering van klanten voor het geproduceerde voedsel”, schetst Ten Bolscher.

Pilot en voorbeeld

Vilsteren is een pilot, denkt Ten Bolscher. “De kennis die we daar hebben opgedaan, het landgoedmodel, en de lessen die we ervan hebben geleerd, kunnen we op andere plekken in Overijssel ook gebruiken als we aan de slag gaan met het Provinciaal Programma Landelijk Gebied. Ik ben blij met zo’n voorbeeld dat laat zien, ook voor buiten Overijssel, dat het écht kan om een bijdrage te leveren aan de maatschappelijke opgaven en de bedrijfsvoering te verduurzamen. Het biedt perspectief aan landbouwers, ook doordat de boer een beloning krijgt voor de inspanning die hij levert. Het is mijn streven dat dit niet meer gebeurt als pilot, maar als structurele oplossing met een structurele eerlijke beloning.”

 

GS op landgoed Vilsteren. Op de voorgrond Commissaris van de Koning Andries Heidema in gesprek met (rechts naast hem) Hugo Vernhout, directeur van het erfgoed Vilsteren. foto provincie OV

Rapport provincies over toekomst landbouw

Op 23 november overhandigden de provincies een rapport aan minister Adema van Landbouw over wat er volgens hen nodig is om perspectief te bieden aan de landbouw. Centraal staat dat ondernemers investeringsbeslissingen moeten kunnen nemen. Daarvoor is vertrouwen nodig dat ze ook in de toekomst een gezonde boterham kunnen verdienen. Hiervoor is wel duidelijkheid van de overheid nodig. Duidelijke doelen, ruimte en ondersteuning en bovenal zicht op nieuwe verdienmodellen. Want dat perspectief is essentieel om in de lopende gebiedsprocessen tot goede afspraken te komen. Daarbij spelen boeren een belangrijke rol om de transitie echt in gang te zetten. De provincies zien dit rapport als een belangrijke bouwsteen voor het landbouwakkoord dat naar verwachting dit voorjaar gesloten wordt.

Het is op dit moment niet duidelijk voor boeren ‘waar het heen gaat’. Waar moeten ondernemers rekening mee houden en welke keuzes horen daarbij? Volgens de provincies zijn op verschillende niveaus duidelijke doelen nodig. Doelen op enkel milieu en klimaat zijn onvoldoende. Waarden van de landbouw voor landschap en ecologie, sociale samenhang, voedselproductie en economie verdienen wat de provincies betreft een prominentere plek in het NPLG (Nationaal Programma Landelijk Gebied) en de gebiedsprocessen. Een sociaaleconomische toets hoort hier ook bij. Het Rijk is aan zet om een nationale visie voor de sector te formuleren. De provincies vragen het kabinet om dit samen met de sector te doen. Ook is er behoefte aan duidelijke begrippen, randvoorwaarden en kritische prestatie indicatoren (KPI’s).

Ruimte en ondersteuning

Om te kunnen deelnemen aan de gebiedsprocessen hebben ondernemers ruimte nodig. Fysieke ruimte maar ook ruimte in regelgeving en ondersteuning. Grotendeels zit die hulp in het bieden van de juiste voorwaarden. Zoals het ruimtelijk mogelijk maken van het aanpassen en verduurzamen van een bedrijf, belemmerende wet- en regelgeving aanpassen of extensivering financieel te ondersteunen. Provincies kunnen daarin veel betekenen. Maar ook het Rijk kan een forse impuls geven aan het gebiedsproces. Door bruikbare en direct toepasbare regelingen en een haalbaar tijdspad.

Ketenaanpak

De landbouw kan alleen duurzaam worden als een boer ook zijn boterham kan verdienen. Alleen zo blijft er ruimte om te investeren in de toekomst. Boeren moeten daarom een eerlijke prijs krijgen voor duurzame prestaties. Het is aan de markt om binnen de voorwaarden van de overheid deze modellen te ontwikkelen. Tegelijkertijd kan de overheid helpen door bijvoorbeeld nieuwe inkomstenbronnen mogelijk te maken, een nieuwe markt voor duurzame producten te creëren en het bieden van langjarige zekerheid over bijvoorbeeld verduurzamingsdoelen. In het rapport noemen de provincies onder andere een lagere btw op duurzame en lokaal geproduceerd voedsel. Ook de consument draagt bij aan de transitie.

Innovatie

De maatschappelijke opgaven zijn groot en we moeten toe naar een ander landbouwsysteem dat minder belastend is voor de leefomgeving. Innovaties spelen daarbij een rol. Innovatie kan niet alle problemen oplossen, maar het levert wel een bijdrage. Daarbij sluiten provincies aan bij de innovatiekracht in de landbouw- en voedselketen, onder andere bij toeleveranciers van werktuigen, en (voedings)middelen en méér dan tot nu toe innovatie (en de export van kennis!) stimuleren, bijvoorbeeld door het opzetten van een Innovatiefonds.
Het volledige IPO rapport is te vinden op: Samenwerken aan perspectief voor de landbouw Verwijst naar een andere website(ipo.nl)

Artikel delen: