DALFSEN – Beantwoording mondelinge vragen, Vergadering Commissievergadering Datum 25-mrt-24 Vragensteller Luc Diepman Agendapunt/onderwerp Vragenronde: problematiek agrarische sector Portefeuillehouder A.J. Ramerman (wethouder).
Als CDA-fractie hebben we grote zorgen rondom de huidige situatie in de agrarische sector en in het bijzonder de (melk)veehouderij. Door een opeenstapeling van wet- en regelgeving met onder meer de afbouw van derogatie en daardoor aangescherpte gebruiksnormen voor dierlijke mest, minder gebruiksruimte voor kunstmest, bufferstroken, aanwijzing van
gebieden met een lagere mestnorm en de blijvende onzekerheid voor de PAS-melders brengen de sector op korte termijn in grote problemen. Afgelopen week luidde de zuivelsector ook de noodklok over de Nederlandse melkveehouderij. Bedrijven met een goed toekomstperspectief en jonge ondernemers dreigen de dupe te gaan worden. Daarnaast wordt toekomstperspectief via het Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG) in Overijssel nog steeds niet geboden. Daarom hebben we de volgende vragen aan het college:
Vraag 1
Deelt het college onze zorgen?`
Antwoord:
Deze zorgen worden zeker gedeeld. Wij zien ook hoeveel onzekerheid dit oplevert voor de agrarische sector en dat het voor jonge ondernemers nu lastig is om plannen te maken voor de toekomst. De kosten zijn torenhoog en als de onzekerheid over de kosten voor het afvoeren van mest te lang duurt, zal het moeilijk zijn voor ondernemers om de tijd te overbruggen die nieuwe ontwikkelingen met zich meebrengen.
Vraag 2
Hoe brengt het college onze zorgen over bij provincie en de landelijke overheid en wordt daarbij gewezen op het belang van een sterke agrarische sector in Nederland, onder andere ten aanzien van voedselzekerheid en de leefbaarheid van het platteland?
Antwoord:
Bij alle overleggen waarin het college vertegenwoordigd is, dringen wij erop aan om zo spoedig mogelijk duidelijkheid te geven over oplossingen waar ondernemers mee verder kunnen. Maar wij zijn ook afhankelijk van het Rijksbeleid. We vragen daarom de raadsleden om hun partijcontacten te gebruiken om zoveel mogelijk invloed uit te oefenen op de besluitvorming door het Rijk. Wat de provincie betreft zien en merken wij dat er ondanks onzekerheid over de bijdragen van het Rijk, middelen beschikbaar worden gesteld voor de gebiedsprocessen. Dit is namelijk de manier om de bereidwilligheid die er is bij ondernemers om stappen te maken, zo goed mogelijk te stimuleren. We merken dat de provincie er alles aan doet wat binnen hun vermogen ligt, om de agrarische sector te steunen en initiatieven te stimuleren. De gemeente is bijna altijd vertegenwoordigd in ambtelijke en bestuurlijke overleggen en op
die manier aangehaakt bij de plannen van de provincie. Dat biedt ons de mogelijkheid om de belangen van de agrariërs in de gemeente Dalfsen voor het voetlicht te brengen. Ik (wethouder Ramerman) ben daarnaast deelnemer in de kopgroep voor de bestuurlijke samenwerking voor PPLG en op die manier zitten wij in elk geval dicht op het vuur. Bovendien bezoek ik bijna alle vergaderingen van de LTO Vechtdal en spreek ik met regelmaat agrariërs zodat ik op de hoogte ben van de zowel de belangen van de agrariërs als die van de provincie.
Vraag 3
Wat zijn de consequenties voor de agrarische sector in Dalfsen dat de landelijke overheid niet over de brug komt met de financiën voor het uitvoeren van het Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG) in Overijssel?
Antwoord
Bij het uitblijven van Rijksmiddelen voor langjarige vergoedingen en structurele middelen kan de agrarische sector in Dalfsen onvoldoende langjarig perspectief worden geboden. Hiervoor is het nieuwe kabinet aan zet in het kader van het Transitiefonds. Vooruitlopend hierop hebben de Tweede (januari) en Eerste Kamer (maart) wel ingestemd met de LNV begroting waar €1,28 miljard vooruitlopend op het Transitiefonds beschikbaar is gesteld
voor financiering van de PPLG’s in 2024-2026. Overijssel gaat hiervoor een pakket indienen van in eerste instantie €142 miljoen die voor een groot deel bestaat uit financiering van diverse regelingen voor de agrariër die emissies kan en wil beperken en bijdragen aan de verduurzaming van de landbouw. Een ander deel is financiering ter ondersteuning van koploperprojecten – waaronder ook agrariërs uit Dalfsen – waarbinnen ondernemers samen onderzoeken op welke manier zij invulling zouden kunnen geven aan de PPLG opgaven. Langjarig perspectief wordt dus niet direct geboden, maar tot daar vanuit een nieuwe kabinet zicht op is lijken er in elk geval middelen voor Overijssel en Dalfsen beschikbaar te komen voor de korte termijn mogelijkheden.
Vraag 4
Heeft het stroperig handelen van de overheid rond het PPLG invloed op het opstellen van de plattelandsvisie in Dalfsen?
Antwoord:
Nee, dat is niet het geval. De plattelandsvisie zal volgens onze eigen planning worden opgeleverd. Deze is wel wat vertraagd door extra werkzaamheden eind vorig jaar mbt de invoering van de omgevingswet en vertraging bij de ondersteuning bij de aanbesteding.

