DALFSEN – (Door onze gastreporter Ruud Montagne) In de Dalfsennet agenda van 6 januari las ik: Midwinterhoorn ofbloazen. Nooit van gehoord dacht ik en ik kon er ook niets bij verzinnen wat dit zou kunnen zijn. Na een snelle Google-slag bleven de woorden: oude traditie, verdrijven van boze geesten, terugkerende licht na de langste nacht en melancholieke klanken van de midwinterhoorn in mijn gedachten hangen.
Nog steeds weinig idee wat deze westerling zou kunnen aantreffen griste ik de Nikon uit de cameratas en spoedde ik mij richting station Dalfsen. Aan de rand van Dalfsen, waar de Vecht traag langs de wit besneeuwde weilanden glijdt, hadden de midwinterhoornblazers zich al verzameld voor de afsluiting van het seizoen.
De hoorns, glanzend van het onderhoud en met zorg naar de zwervende kei gebracht, werden één voor één aangezet. Oude handen gleden over het hout, de jonge blazer keek nog even gespannen naar haar voorbeeld. Want ook al was het de laatste keer dit seizoen, elke toon verdiende dezelfde eerbied als bij de eerste blaas op de eerste zondag van de advent.
Toen de eerste klank over het land rolde, werd het stil. Niet alleen onder de blazers, maar ook in het witte landschap. De toon was laag en warm, en heel bijzonder om te horen.
Na elke blaasmoment werd er gelachen, herinneringen opgehaald aan vroege ochtenden in de mist, aan koude vingers en dampende adem.
Met de laatste gezamenlijke blaastoon werd het seizoen officieel afgesloten. De klank stierf langzaam weg tussen de witte bomen, maar liet een gevoel van rust achter. De hoorns werden weer opgeborgen, de schouders werden geklopt, en er werd al voorzichtig vooruitgekeken naar het volgende jaar.
De winter was nog niet voorbij, maar na een uur blazen zat hun taak zat erop. En ergens, diep in het Dalfser landschap, leek de echo van hun muziek nog even na te trillen.
Weer een ervaring rijker uit het mooie Dalfsen en met een bijtende kou in voeten en handen en een rode neus van de wind die langs mijn gezicht blies toog ik naar huis terwijl ik verlangde naar een kop warme chocolademelk.
Oh ja, en ik was het bijna vergeten : Veul geluk in ’t niejaor
(Beste Ruud, je hebt mooi gesproken. Nog eem, en ie kunt zelfs plat proaten! Dank je wel. Red.)











