Merel – Noaberschap na de sneeuw - Foto: Ingezonden foto
Foto: Ingezonden foto

Merel – Noaberschap na de sneeuw

DALFSEN – De sneeuw is inmiddels verdwenen, maar sommige momenten blijven langer liggen. In deze Merel lees je wat die winterse dagen lieten zien over omzien naar elkaar en hoe je dat kleine, vanzelfsprekende zorgen voor elkaar het hele jaar door levend kunt houden.

“Wij Merels wachten niet tot het misgaat”, kwettert Merel. “Zorgen doen we al vóórdat het nodig is. We voeren samen, waarschuwen samen en blijven bij elkaar in de buurt — niet uit plicht, maar omdat het goed werkt”.

Heb jij ook ervaren dat de sneeuw zorgde dat het stiller werd in de agenda en drukker op straat? Mensen hielpen elkaar met schuiven, brachten boodschappen, vroegen even hoe het ging. En er werd natuurlijk lekker buiten gespeeld. Het viel op hoe vanzelfsprekend dat ineens was. Alsof we collectief besloten: nu kijken we naar elkaar. Heb jij die week ook iets voor een ander gedaan? Een extra rondje langs familie. Even checken bij de buren. Een pan soep meer maken dan nodig. Voelde dat voor jou ook als iets ouds dat bovenkwam?

“Merel vliegt boven de gemeente Dalfsen van hot naar her op zoek naar biodiverse en duurzame verhalen”.

Wat we vaak ‘noaberschap’ noemen, verschijnt vooral als er iets aan de hand is. Sneeuw, storm, ziekte. Dan stappen we naar voren. Maar zodra het leven weer soepel loopt, stappen we net zo makkelijk weer terug. Wat als zorgen voor elkaar niet pas begint bij ongemak?

In de natuur is dat heel normaal. Merels wachten niet tot er écht gevaar is. Ze blijven bij elkaar in de buurt en houden elkaar in de gaten. Man en vrouw voeren samen de jongen, ruimen het nest op en blijven zelfs na het uitvliegen nog betrokken. Zorgen is geen incident, het is de basis.

Misschien hoeven wij het ook niet groter te maken dan dat. Geen projecten. Geen plannen. Wel ritme. Een vaste wandeling waarin je elkaar ziet. Een moment in de week waarop je zichtbaar buiten bent. Altijd die ene extra portie eten, zonder al te weten voor wie. Laten we ook het woord ‘helpen’ loslaten. Helpen suggereert al snel dat er iets mis is. Terwijl delen veel lichter voelt. Tijd delen, aandacht delen, wat je maar over hebt delen. Dat kan met een bankje in de voortuin, een stekjesplek, gereedschap dat zichtbaar leenbaar is, dingen die zeggen: je mag me aanspreken.

Misschien mogen we ook iets meer durven vragen? Een klein verzoek, een handje hulp, iets uit handen geven. Hoe fijn is het als je iemand kunt helpen? Dan kan het noaberschap heen en weer bewegen. De sneeuw liet zien dat we het kunnen. Dat we elkaar niet lastig vinden. Dat we eigenlijk best goed weten hoe samenleven werkt. Laten we dat niet bewaren voor bijzondere omstandigheden, maar het gewoon te blijven doen. Op dagen dat er niets aan de hand is. Juist dan.

Merel: “Als ik roep, roep ik niet alleen voor mijn eigen nest. Iedereen die het hoort, mag meedoen. Zo blijft de groep alert, ook als het gevaar weg lijkt. Zorgen stopt niet als het rustig is — dan begint het pas”.

Artikel delen: