DALFSEN – Gisteren hoorde ik op tv het woord ‘hinkepotten’. Ik had dat woord in jaren niet meer gehoord. Vroeger speelden ze dit spel op het schoolplein van de lagere school. Dan werden er met krijt vakken getekend, zoals op het bijgaande plaatje. Ik heb ook even de spelregels opgezocht.
Hinkepotten is een spel waarbij je over een baan van vakken springt. Je tekent die vakken met krijt op de stoep. Het wordt ook wel en hinkeperken genoemd, dat is een streeknaam voor hinkelen.
Zo kan zo’n baan eruitzien als bijgaande schets:
- Gooi een steentje in vak 1. Dat vak moet je overslaan.
- Spring op één been in vak 2 en daarna in vak 3.
- Bij twee vakken naast elkaar zet je in elk vak één voet.
- Bovenaan draai je om en spring je terug. Onderweg pak je het steentje op, terwijl je op één been blijft staan.
Daarna probeer je het met het steentje in vak 2, vervolgens vak 3, enzovoort. Je probeert steeds binnen de vakken te landen, zonder de lijnen te raken.
.
Zo heb je ook Hoelahoepen, maar dat doen ze nu nog wel:
Hoelahoepen is een hoepel rond je middel laten draaien door je heupen en buik ritmisch te bewegen. Je probeert de hoepel zo lang mogelijk in beweging te houden zonder dat hij op de grond valt. Het is een speelse vorm van bewegen waarmee je je coördinatie en conditie oefent. Alleen vroeger toen er weinig geld was, deden sommigen dit met een buitenband van een fiets.


