De (ter) Kuile een verdwenen havezate bij Hoonhorst - Foto: Wim
Foto: Wim

De (ter) Kuile een verdwenen havezate bij Hoonhorst

HOONHORST – In een bisschoppelijke schattingslijst van voor 1427 vinden we de eerste vermelding van de Kuile, met name van ene Roelof ter Culen, meijer op het goed ter Culen onder Lenthe. Misschien heeft Seino ter Kuelen, die in 1376 als schout voorkomt in Dalfsen er iets mee te maken gehad. Uit de schattingsregisters blijkt dat het goed in 1445 gebruikt werd door Hans Schulting. In 1490 Robert en Herman ter Kuylen. In 1520 in eigendom van Jacob ter Water wiens vader in 1457 als “gegoed” in Lenthe voorkomt. Jacob was schepen te Zwolle van 1508 tot 1522 en getrouwd met van Tweenhuizen. Hun dochter huwde met Hendrik van Velthuysen die zich is 1580 op het goed vestigde. In 1590 verkocht aan zwager Casper Berentsen burgemeester van Zwolle

In 1601 richtte Casper Berentsen ( hij noemde zich Casper ter Kuile) zich tot de Ridderschap en Steden om zijn zaalstede, genaamd Ter Kuile in Lenthe te mogen vrijen in de schatting. ( vrijwaren van belasting) Dit verzoek had geen effect hoewel het goed bekend stond als een havezate, maar de bezitter niet als riddermatig kon worden beschouwd. Hun dochter huwde in 1639 met Johan Blanckvoort, daarmee kwam het goed in de familie Blanckvoort. Hij was zoon van Willem Blanckvoort tot Collendoorn en Johanna Clant en ingeschreven in de landdage te Collendoorn. In 1663 werd hij drost van IJsselmuiden en zal zich in die tijd op de Kuile hebben gevestigd. Het huis in Collendoorn had veel geleden in Munsterse/keulse oorlog en vanaf 1675 vestigden zij zich definitief in Lenthe. Hij overleed in 1682 en het goed werd vererfd in 1693 aan Philip Gerhard Blanckvoort.

Na diverse verervingen kwam het in 1734 bij een openbare verkoop in handen van Maria Dreesman, weduwe van Arnoldus van Arnhem. De havezate bestond uit het huis de erve ter Kuile, hoven, boomgaarden, en landerijen, het erve de Horst, de katerstede de Mars, alsmede het recht om turf te steken bij Kipsdijk en een gestoelte en grafruimte in de kerk te Dalfsen. Dit alles voor een totaal bedrag van F 9090, – In 1786 vielen de goederen in handen van haar dochter Elisabeth van Arnhem getrouwd met Arnoldus Helmich. In 1781 werd het huis omschreven als “vermids zeer oud en bouwvallig” en getaxeerd op slechts F 500,- . In 1804 werd het geheel afgebroken. De Kuile behoorde tot de kleine Havezaten en slechts voor twee haardsteden aangeslagen.

In 1675 trof men er ook nog een brouwerij aan. Na de dood van Helmich is het goed vererfd aan zuster Arnoldus Antonia, getrouwd met Gerardus Everhardus de Vos de Wael burgemeester van Zwolle, vervolgens op hun dochter Anna gehuwd met Franciscus van Lamsweerde lid van de Raad van State (die veel landerijen rond Hoonhorst in het bezit had). Deze overleed in 1871. Zijn erfgenamen verkochten het goed in dat jaar aan Johannes Schrijver Janszoon die al pachter was. De verkoop bestond uit het goed Blanckvoort en de erve Koeleman (nu Mars) dat door Jan Otten was gepacht. In 1885 verkocht Schrijver het erf Blanckvoort, dat het voormalige bouwhuis was van de Kuile, bij openbare verkoop aan Herman Adriaan van Royen, die in 1904 overleed.

Daarna werd erf en landerijen verkocht aan Wilhelmus Damman jr, landbouwer te Lenthe. In 1882 werden de grachten van het huis ter Kuile gedempt en werd dit bij het bouwland aangetrokken. In 1889 werd het goed opnieuw verkaveld en daarmee zijn alle sporen van het eens zo mooie ter Kuile geheel gewist. Ook werd in dat jaar het oude bouwhuis (de Blankvoort) afgebroken en op dezelfde plaats een landbouwerswoning opgetrokken. Het goed bleef in handen van de familie Damman. In 1949 verkocht Wilhelmus het aan zijn zoon Antonius Johannes Damman. Het goed bestond toen uit een landbouwerswoning met schuur, wagenloods en twee hooibergen, alsmede bouwland, grasland, eikenhakhout en weg, alles gelegen te Hoonhorst groot ruim 17 ha.

Ook deze landbouwerswoning is inmiddels verdwenen en wordt de huidige woning nu bewoond door de familie Neppelenbroek. Op een plaats waar een hele geschiedenis aan ten grondslag ligt. ( uit havezaten van Salland en hun bewoners)
Naschrift; Als herinnering aan die tijd is nog de Koelmansstraat, maar ook daar kun je vragen over stellen. De Koelmansstraat was tot de 2e helft van de vorige eeuw gewoon de Oude Vechtsteeg. De enigste verbindingsweg aan de zuidkant van de Vecht van Zwolle naar Dalfsen voor de aanleg van de Poppenallee. Deze weg liep vanaf Het Bruine Paard (N35) door Hoonhorst, vervolg Oude Vechtsteeg, de Heinoseweg schuin overstekend, de Bergerallee overstekend door naar de Milligersteeg. Vandaar richting station en bij het spoor rechtdoor tot aan de Rechterensedijk.Ook dat pad is geheel uit het landschap verdwenen).
Waarom zo’n oude weg opgesplitst? Krijgt een deel eerst de naam Koelmansweg en in het dorp Koelmansstraat en Kerkstraat maar later bleek dit te verwarrend en is een deel daarvan Koelmansstraat geworden. Wat nu nog over is aan vroeger tijd is de Koelmansbelt, het gedeelte op het eind van de bebouwde kom, zowel aan de linker als aan de rechterkant. En natuurlijk de nieuwbouwwijk de Koele, het dialect van de Kuile, daardoor zo genoemd. Laten we oude namen in stand houden.
WvdV

Artikel delen:
Foto's 4
De (ter) Kuile een verdwenen havezate bij Hoonhorst - Foto: Wim
Foto: Wim
De (ter) Kuile een verdwenen havezate bij Hoonhorst - Foto: Wim
Foto: Wim
De (ter) Kuile een verdwenen havezate bij Hoonhorst - Foto: Wim
Foto: Wim