Foto: Ingezonden foto

Het Vechtdal

OUDLEUSEN – Een gedicht met een vette knipoog.

Het Vechtdal.

Het Vechtdal, wat een rust.
In hoofdzaak natuurgebied, wat een rust.
Geen kleine percelen weilanden meer, wat een rust.
Geen turbo boeren, wat een rust.
Geen grondbroeders meer, wat een rust.
Geen weidevogels meer, wat een rust.
Geen jagers meer die de predators beheren, wat een rust.
Een nieuw fietspad waar niet op gebromd mag worden, wat een rust.

Vroeger, wat een lawaai.
Allemaal landbouwgrond, wat een lawaai.
Kleine percelen, lappendekens, wat een lawaai.
De boeren bewerkten het land met paarden en tractoren, wat een lawaai.
Op alle percelen waren er grondbroeders, wat een lawaai.
Op alle percelen waren er weidevogels, wat een lawaai.
De boeren en de jagers beheerden de predators, wat een lawaai.

Het wordt nooit meer zoals het vroeger was, wat een rust.

Wim van Hogenkamp-Willem.

Artikel delen:
Foto 1