UGANDA – Geschreven door de in Dalfsen geboren Frederik Prins – Eerst het goede nieuws: “ieder nadeel hep z’n voordeel” sprak de Grote Filosoof, wijlen Johan Cruijff. Zo is het maar net. Ik heb geen nauwkeurige gegevens, maar duidelijk is dat er dit seizoen veel meer geplant wordt, op meer en op grotere akkers, en dat er veel meer onkruid gewied wordt dan voorheen.
Met lekker veel regen en temperaturen vaak tussen de 25 en 30 graden: overdreven gesteld: je ziet de planten groeien. Ook zijn er zichtbaar veel meer mannen aan het werk op de akkers dan vroeger. Nog steeds doen vrouwen en kinderen van pakweg 10 – 15 jaar verreweg het meeste werk, maar toch. Wellicht zijn er twee hoofdoorzaken: 1. De armoe dwingt de mensen meer te verbouwen, en 2. Veel mannen zijn dagloner, hebben hun baan verloren en zijn dus beschikbaar om op het land te werken.
“Stedelijke landbouw” is een nog vrij on-ontgonnen gebied, maar zeker in Uganda is het veelbelovend, er is voldoende land om te “scheuren” – tot akkers om te ploegen, en veel mensen hebben meer dan voldoende tijd om te planten en te wieden. Naar mijn smaak blijft er nog teveel land over waar niets op verbouwd wordt.
Iets over armoede: Dat is vooral en voornamelijk een gebrek aan geld. Maar “armoede” omvat veel meer dan alleen geldgebrek. Op zich is dat natuurlijk al erg genoeg: een lege maag en platzak, en wellicht nergens een reddingsboei met een helpende hand. Maar wat armoede ook inhoudt is het gebrek aan hoop, minder bedeeld zijn in huisvesting, in water – vooral schoon drinkwater -, kleren, onderwijs, gezondheid, en ook: in rechten. Die rechteloosheid, dat is zeker voor vrouwen, en voor religieuze en etnische minderheden, het ergste. De ouderen onder ons herinneren zich vast nog wel de beschrijving in Bartje door Anne de Vries, hoe rechteloos pachters, landarbeiders en werklozen waren in Nederland van voor de Tweede Wereld Oorlog, sommigen kunnen het zich vast nog wel herinneren.
Nou wil ik de “armoede” in Uganda niet afdoen als iets kleins, maar als ik terugdenk aan bijv. Bangladesh en Afghanistan dan moet ik zeggen het wel eens stukken erger meegemaakt te hebben.
In Uganda wordt door de WereldBank en het IMF de armoedegrens ingeschat als US$ 1,90 per persoon per dag, ongeveer Euro 1,75. Da’s verschrikkelijk weinig!
Een studie van 2005 – 09, al weer wat ouder dus maar wellicht gelden de resultaten nog steeds, wees uit dat tegen elke drie Ugandezen die van onder de armoede lijn opstegen naar een iets minder beroerde situatie, er twee waren die binnen een paar jaar terug onder de armoedegrens duikelden. Ik vrees dat het na de corona crisis alleen maar slechter geworden is….
Uganda nu: er wordt nog steeds stug gebakkeleid over het voedsel uitdelen aan de allerarmsten. Ter vermijding van massa’s mensen die allemaal tegelijk hun portie eten komen ophalen, mag dat uitsluitend door regeringsmensen gedaan worden. Op zich zit daar best wel iets in, alleen: wie garandeert dat die regeringsambtenaren wèl kunnen voorkomen dat grote groepen mensen elkaar gaan besmetten? Niet vergeten, het is in Uganda, een land dat ongeveer op de 150 ste plaats staat op de corruptie-schaal, van alle ongeveer 200 landen op de hele wereld. Het kon beroerder, maar het is bepaald geen “schoon” land wat betreft corruptie.
Over de volksvertegenwoordiging. Tot verbijstering van vrijwel iedereen besloot het parlement 2 weken geleden (in een “geheime stemming” – die in no time op straat lag) om alle 426 volksvertegenwoordigers 20 miljoen Ugandese Shilling te geven, ongeveer Euro 7.500, om de ergst getroffenen in hun gebied te helpen. Als je bedenkt dat Uganda een groot land is, zo’n 40 keer groter dan Nederland, en dat veel wegen slecht zijn, dan is het logisch dat driekwart van alle volksvertegenwoordigers driekwart van de tijd in de hoofdstad Kampala zitten. Kwade tongen beweren dat veel parlementariërs alleen naar hun kiesdistrict gaan vlak voor de volgende verkiezingen, om dingen te beloven die ze nooit waar kunnen maken, en dat ze mede daarom na de verkiezingen zich niet meer in hun eigen gebied laten zien.
Goed, de “corona – toelage” aan parlementariërs werd door een meerderheid van de parlementariërs goedgekeurd; zoiets als kalkoenen die het kerstdiner goed gekeurd hadden. Ze kregen dat bedrag vrijwel direct op hun privé rekening gestort. Even mee rekenen: 426 volksvertegenwoordigers x Euro 7.500; dat is samen meer dan 3 miljoen Euro. Een gigantisch bedrag, zeker voor een arm land als Uganda, dat – evenals vrijwel alle landen ter wereld – diep in de penarie zit door de corona “lock down”.
Na wat geschreeuw en gedreig, hebben een paar MPs het de rechter voorgelegd. Blijkbaar is er toch een vorm van gerechtigheid in Uganda: de rechter besliste dat het niet wetmatig was, wat er was gebeurd. Nu moeten ze allemaal dat geld weer terugstorten. Maar sommigen beweren dat ze al een flinke dot geld hebben uitgegeven, en dat ze dat niet zo maar 1 – 2 – 3 terug kunnen storten. Wordt vervolgd.
Vaak is het zo dubbel. In de krant las ik dat de Overkoepelende Ugandese Organisatie van leraren een fikse bijdrage heeft gegeven aan het Presidentiële Initiatief ter bestrijding van corona. Mooi! Maar als je weet dat veel leraren van overheidsscholen hun (lage!) salaris van twee maand geleden nog niet hebben ontvangen, dan vraag je je af waar deze lerarenclub de poen vandaan heeft gehaald. En privéscholen beconcurreren elkaar op leven en dood, dus ook daar zijn de salarissen van leraren bepaald geen vetpot. Ook de Hotel Eigenaars Associatie heeft een enorm bedrag aan het Presidentieel Initiatief gedoneerd. Weer, hartelijk dank! Op de tv zag ik (een gedeelte, want na een poosje heb je ‘t wel gezien) de President lange lijsten voorlezen met de namen van gulle gevers. Urenlang. Maar hij vermeldde er niet bij dat de hotels, zwaar getroffen immers door het wegblijven van toeristen, 400.000 werknemers hebben moeten ontslaan de afgelopen paar maand.
Tenslotte: een paar dagen geleden was het 1 mei: Dag van de Arbeid. Dat wordt zo ongeveer over de hele wereld gevierd met een vrije dag (nogal in tegenspraak met de titel, zou je zeggen) maar niet in Nederland. Blijkbaar zijn we een arbeidzaam volkje. Of is het nog een overblijfsel van ons calvinistische verleden? In Uganda was het wel een officiële feestdag. Zelf voel ik meer voor een dag van de Arbeiders, van de mensen die het betreft. Er is nog veel arbeid te verzetten voordat die allemaal redelijke rechten hebben, zeker nu in deze corona crisis.
Reacties blijven, als altijd, zeer welkom: frederikprins14@gmail.com


