DALFSEN – Voor het tweede team stond er een uitwedstrijd tegen H.B.C. 4 in Hoogeveen op het programma. Rein Smit trof Jack Mensingh (invaller!) als tegenstander die 17 caramboles (70) meer moest maken dan Smit (53). Na een wat twijfelachtig begin was het Mensingh die in de 7e beurt een mooie serie van 15 liet noteren en in de 12e beurt een mooie serie van 18.
Smit sprokkelde in zijn beurten ook met regelmaat enkel caramboles bij elkaar. Liet in de 16e beurt een serie van 10 noteren en kwam daardoor een beetje dichterbij de 53 die hij moest maken. In de 23e beurt liet Mensingh zijn laatste nog te maken carambole noteren. Smit moest in zijn nabeurt nog drie maken om er nog een gelijkspel uit te slepen en dat lukte hem. Al met al een goede partij van beiden. Mensingh speelde met een moyenne van 3.042 en Smit was tevreden met 2.304 als gemiddelde. Beiden kregen uiteraard de 11 te verdienen wedstrijdpunten. Wim Flierman speelde op het tweede biljart tegen Henk Keijzer. Beiden waren in het begin niet goed op stoot. Na 10 beurten was de stand nog 15 voor Flierman en 11 voor Keijzer. Maar toen die in de 14e beurt een mooie serie van 13 liet noteren was het gedaan met de productie van Flierman. Alles ging net mis. In de 22e beurt had Keijzer zijn 47 te maken caramboles op het scorebord staan. Flierman moest genoegen nemen met de 23 caramboles die hij had gemaakt en dat waren er 28 te weinig!. Dus kreeg hij niet meer dan 4 wedstrijdpunten. Albert Holsappel en tegenstander Kees van Bruggen waren in het begin ook aardig aan elkaar gewaagd.
Na 9 beurten was de stand nog in evenwicht. 12 gemaakte caramboles voor Holsappel en 15 voor Van Bruggen. Maar vanaf dat moment deden de ballen niet wat Holsappel graag zou willen. Veel van die net niet ballen en dan ga je twijfelen. Van Bruggen kwam juist beter op stoot. Bleef met regelmaat per beurt enkele caramboles scoren en in 25e beurt had hij de 39 die hij moest maken op het scorebord staan. Holsappel bleef, ondanks een serie van 7 in de 18e beurt, steken op 25 van de 43 die hij moest maken en hij kreeg dan ook niet meer dan 5 wedstrijdpunten. Zijn moyenne bedroeg 1.000. Uitslag: 35: 20 voor H.B.C. 4.
Het eerste team speelde woensdagavond uit tegen ’t Westeinde in Nieuwleusen. Harrie Onderdijk speelde vanaf acquit een gewonnen partij tegen Willem Timmer die 20 caramboles minder hoefde te maken dan Onderdijk(75). En die winst werd helemaal zeker toen Onderdijk in de 16e beurt een mooie serie van 13 liet noteren gevolgd door een mooie serie van 19 in de 17e beurt. In de 21e beurt had hij zijn 75 caramboles bij elkaar. Zijn gemiddelde bedroeg 3.571. Timmer bleef steken op 45 gemaakte caramboles. 10 te weinig dus. Hij kreeg 7 wedstrijdpunten. Andre Bouwman had geen moeite met de niet op stoot zijnde Jan Mansier. Beiden moeten 55 caramboles maken. Na 10 beurten was de stand 2 voor Mansier en 20 voor Bouwman. Toch duurde het nog tot de 31e beurt voor dat Bouwman zijn 55 op het scorebord had staan. Zijn moyenne bedroeg 1.774 en hij liet 8 als hoogste serie noteren. Mansier miste 27 van de 55 die hij moest maken en daarvoor kreeg hij 5 wedstrijdpunten. In de slotpartij moesten Evert Jan Holsappel en Robbert Mansier ook 55 caramboles maken. In zijn eerste beurt liet Holsappel een mooie serie van 14 noteren.
In de 9e beurt nog eentje van 9 en in zijn nabeurt nog eens 7 maar daartussen in miste hij teveel. Robbert Mansier begon niet sterk maar liet in zijn partij twee keer een serie van 8, eentje van 9 en ook nog eens eentje van 10 noteren. Maar bleef verder, als hij aan beurt was, wel steeds scoren. Gevolg was dat hij al na 14 beurten zijn 55 te maken caramboles al bij elkaar had. Zijn moyenne was 3.928!. Holsappel speelde wel boven zijn moyenne maar hij kwam 23 nog te maken caramboles tekort. Zijn gemiddelde bedroeg 2.285. Uitslag: 25-29 voor De Trefkoele 1.
Ook het derde team speelde woensdagavond een uitwedstrijd tegen U.B.C. 2016 2 in Uffelte. Gerard Verhaar was niet opgewassen tegen het goede spel van zijn tegenstander Patrick Kuik. Kuik had 22 beurten nodig om zijn 43 te maken caramboles te laten noteren op het scorebord. Een fraai gemiddelde dus van 1.954 en hij maakte een mooie serie van 11. Verhaar miste 9 van de 37 die hij moet maken en daarvoor werd hij beloond met 7 wedstrijdpunten. Zijn gemiddelde bedroeg 1.272. Henk Dijk en zijn tegenstander Richard van Pelt maakten er een lange maar wel spannende partij van.
Na 47 beurten wist van Pelt winnend af te sluiten toen hij zijn 39 te maken caramboles bij elkaar had. Dijk kwam slechts twee caramboles tekort en hij kreeg 9 wedstrijdpunten. Zijn moyenne bedroeg 0.659. De derde partij verliep al even spannend als de tweede. Gert Siffels en Martin van Blitterswijk moesten beiden 29 caramboles maken. Na 41 beurten was het van Blitterswijk die zijn 29 bij elkaar had, maar in zijn nabeurt zorgde Siffels voor een gelijkspel. Zijn moyenne bedroeg 0.707. Beiden kregen uiteraard de 11 te verdienen wedstrijdpunten. Uitslag: 35-27 voor U.B.C. 2016 2.


