Merel: Waarom je nu nestkastjes schoon wilt maken en op wilt hangen - Foto: Ingezonden foto
Foto: Ingezonden foto

Merel: Waarom je nu nestkastjes schoon wilt maken en op wilt hangen

DALFSEN – De zomer loopt langzaam op z’n einde en dat betekent dat er in de tuin weer een paar kleine klusjes op de planning mogen. In deze Merel lees je waarom dit hét moment is om nestkastjes schoon te maken en nieuwe op te hangen, én waarom een vleermuiskast ook een goed idee kan zijn.

“Een nestkast is voor mij niet alleen een plek om jongen groot te brengen,” legt Merel uit. “In de herfst kan zo’n kastje ook gewoon een fijne slaapplaats zijn. Fijn als ik in een schoon bedje kan stappen.”

Een nestkast schoonmaken is zo’n klusje dat je makkelijk vergeet, maar wel van waarde is. Vogels bouwen hun nieuwe nest vaak boven op het oude. Daardoor wordt het nestkastje steeds voller en kan er uiteindelijk te weinig ruimte overblijven. In oud nestmateriaal kunnen ook parasieten zitten, zoals vlooien, mijten en luizen. Die kunnen een volgend nest en de jongen belasten. Schoonmaken is ook een mooi moment om te checken of de kast nog goed is. Zit hij stevig vast? Is het hout nog heel? Is het dak waterdicht? Zo kun je hem op tijd repareren. Tot slot eten veel vogels ook eikenprocessierupsen, waardoor meer vogels kan helpen bij natuurlijke balans.

Vanaf nu is het een goed moment om dit klusje uit te voeren: het broedseizoen is voorbij en de meeste vogels zijn uitgevlogen, waardoor de kans klein is dat je een nest verstoort. Even leegmaken en met heet water schoonspoelen is voldoende. Schoonmaakmiddelen hoef je niet te gebruiken. De Vogelbescherming adviseert om nestkasten jaarlijks schoon te maken.

Merel vliegt boven de gemeente Dalfsen van hot naar her op zoek naar biodiverse en duurzame verhalen.

Als je toch met de ladder bezig bent: misschien is dit ook het moment om een nieuw nestkastje op te hangen. Zoals Merel al zei: vogels gebruiken het kastje in de herfst en winter als beschutte slaapplaats. In het voorjaar weten ze dan waar ze moeten zijn. Let wel een beetje op welk kastje je kiest: een koolmees heeft andere wensen dan bijvoorbeeld een pimpelmees of een spreeuw. Ook de plek en de grootte van de invliegopening maken verschil.

Probeer ook eens een vleermuiskast. Vleermuizen zijn vooral ’s nachts actief en eten dan allerlei insecten, waaronder nachtvlinders. Daar zit nog een grappig verband met de eikenprocessierups. Iedereen kent de rups, maar bijna niemand kent de vlinder. Terwijl die vlinder toch echt bestaat: de eikenprocessierups is namelijk de larve van een nachtvlinder. De volwassen eikenprocessievlinders vliegen vooral in de zomer en leggen daarna hun eitjes op eiken. Vleermuizen kunnen die volwassen vlinders eten voordat ze nieuwe eitjes afzetten. Daarmee kan een vleermuis dus onderdeel zijn van het natuurlijke systeem rond de eikenprocessierups.

Als je naar de natuur kijkt als geheel en niet als onderdelen en problemen, dan is de weg naar balans (en geen overgroei van één bepaalde soort), het stimuleren van de diversiteit. Elke soort heeft een eigen rol in het geheel. Hoe meer diversiteit, hoe stabieler het geheel is. En hoe minder groot de kans op bijvoorbeeld heel veel eikenprocessierupsen in de zomer.

“Wat grappig trouwens, dat jullie nestkasten een ‘vogelhuisje’ noemen,” zegt Merel. “Ik woon namelijk in een boom. Dat huisje gebruik ik vooral om mijn eitjes op een veilige plek uit te broeden. Of als het buiten wat minder comfortabel is.”

Artikel delen: